Dutch Fluency
Mein Niveau findenNiveau
Anmelden

Niveau B1 · Regelmäßig, nicht trennbar

Besparen konjugieren

besparen = einsparen, ersparen

Infinitiv
besparen
Präteritum
bespaarde · bespaarden
Perfekt
heeft bespaard

Kurze Antwort

Besparen bedeutet einsparen, ersparen. Präteritum: bespaarde (Singular) und bespaarden (Plural). Partizip Perfekt: bespaard, mit hebben: ik heb bespaard.

besparen üben

Präsens (tegenwoordige tijd)

ikbespaar
jijbespaart
hij/zij/hetbespaart
wijbesparen
julliebesparen
zijbesparen

Präteritum (verleden tijd)

ikbespaarde
jijbespaarde
hij/zij/hetbespaarde
wijbespaarden
julliebespaarden
zijbespaarden

Perfekt (voltooide tijd)

ikheb bespaard
jijhebt bespaard
hij/zij/hetheeft bespaard
wijhebben bespaard
julliehebben bespaard
zijhebben bespaard

Plusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ikhad bespaard
jijhad bespaard
hij/zij/hethad bespaard
wijhadden bespaard
julliehadden bespaard
zijhadden bespaard

Futur (toekomende tijd)

ikzal besparen
jijzult besparen
hij/zij/hetzal besparen
wijzullen besparen
julliezullen besparen
zijzullen besparen

Konditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou besparen
jijzou besparen
hij/zij/hetzou besparen
wijzouden besparen
julliezouden besparen
zijzouden besparen

Besparen ist nicht trennbar

Das Präfix be- bleibt in jedem Satz am Verb (ik bespaar, dat ik bespaar), und das Partizip bekommt kein zusätzliches ge-: bespaard.

Hauptsatzik bespaar
Fragebespaar jij?
Nebensatz… dat ik bespaar
Mit Modalverbik wil besparen
Perfektik heb bespaard
Mit om ... teom te besparen
Imperativbespaar!

Trennbare Verben: Regeln und Prüfer

besparen üben

Sechs kurze Formen. Tippe die Antwort, drücke Enter und sieh sofort, ob sie stimmt.

1 von 60 ✓

Präsens

ik

besparen im Satz

Setze die richtige Form ein. Der Satz verrät dir, wer handelt und wann. Nach der Prüfung siehst du, was er bedeutet.

  1. Präsens

    Wij veel geld met zonnepanelen.

  2. Präteritum

    Zij haar moeder veel zorgen.

  3. Perfekt

    Jij ons veel tijd .

  4. Nebensatz

    Ik neem de fiets omdat ik zo benzine .

So funktioniert dieses Verb

  • Regelmäßiges Verb. Der Stamm ist bespaar. Im Infinitiv besparen steht r vor -en, und das gehört nicht zu 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), deshalb bekommt das Präteritum -de (bespaarde, bespaarden) und das Partizip endet auf -d (bespaard).
  • Verben, die mit be-, ge-, her-, ont-, ver- oder er- beginnen, bekommen im Partizip kein zusätzliches ge-: bespaard.
  • Steht jij hinter dem Verb, fällt das -t weg: jij bespaart, aber bespaar jij?

Fragen zu niederländischen Verben

Was ist das Präteritum von besparen?

bespaarde (ik, jij, hij/zij/het) und bespaarden (wij, jullie, zij).

Was ist das Partizip Perfekt von besparen?

bespaard, mit hebben: ik heb bespaard.

Wird besparen mit hebben oder zijn gebildet?

Mit hebben: ik heb bespaard, hij heeft bespaard.

Ist besparen ein trennbares Verb?

Nein. Das Präfix be- wird von besparen nie abgetrennt (ik bespaar, dat ik bespaar), und das Partizip bekommt kein zusätzliches ge-: bespaard.

Weitere Verben

Alle VerbenAlle Verben von A bis ZTrennbare Verben: Regeln und PrüferDe-oder-het-Prüfer

Willst du nicht mehr alles nachschlagen?

Der kostenlose Einstufungstest zeigt, wo dein Niederländisch steht und was du als Nächstes lernst.

Formen mit Wiktionary abgeglichen. Zusammengesetzte Zeiten nutzen die festen Formen von hebben, zijn, zullen und zou.