Dutch Fluency
Mein Niveau findenNiveau
Anmelden

Niveau B2 · Regelmäßig

Projecteren konjugieren

projecteren = projizieren

Infinitiv
projecteren
Präteritum
projecteerde · projecteerden
Perfekt
heeft geprojecteerd

Kurze Antwort

Projecteren bedeutet projizieren. Präteritum: projecteerde (Singular) und projecteerden (Plural). Partizip Perfekt: geprojecteerd, mit hebben: ik heb geprojecteerd.

projecteren üben

Präsens (tegenwoordige tijd)

ikprojecteer
jijprojecteert
hij/zij/hetprojecteert
wijprojecteren
jullieprojecteren
zijprojecteren

Präteritum (verleden tijd)

ikprojecteerde
jijprojecteerde
hij/zij/hetprojecteerde
wijprojecteerden
jullieprojecteerden
zijprojecteerden

Perfekt (voltooide tijd)

ikheb geprojecteerd
jijhebt geprojecteerd
hij/zij/hetheeft geprojecteerd
wijhebben geprojecteerd
julliehebben geprojecteerd
zijhebben geprojecteerd

Plusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ikhad geprojecteerd
jijhad geprojecteerd
hij/zij/hethad geprojecteerd
wijhadden geprojecteerd
julliehadden geprojecteerd
zijhadden geprojecteerd

Futur (toekomende tijd)

ikzal projecteren
jijzult projecteren
hij/zij/hetzal projecteren
wijzullen projecteren
julliezullen projecteren
zijzullen projecteren

Konditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou projecteren
jijzou projecteren
hij/zij/hetzou projecteren
wijzouden projecteren
julliezouden projecteren
zijzouden projecteren

projecteren üben

Sechs kurze Formen. Tippe die Antwort, drücke Enter und sieh sofort, ob sie stimmt.

1 von 60 ✓

Präsens

ik

projecteren im Satz

Setze die richtige Form ein. Der Satz verrät dir, wer handelt und wann. Nach der Prüfung siehst du, was er bedeutet.

  1. Präsens

    De leraar de foto's op het witte scherm.

  2. Präteritum

    Zij de film tegen de muur van het huis.

  3. Perfekt

    Wij de presentatie op een groot doek .

  4. Nebensatz

    De zaal is donker omdat ze de beelden op de muur .

So funktioniert dieses Verb

  • Regelmäßiges Verb. Der Stamm ist projecteer. Im Infinitiv projecteren steht r vor -en, und das gehört nicht zu 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), deshalb bekommt das Präteritum -de (projecteerde, projecteerden) und das Partizip endet auf -d (geprojecteerd).
  • Steht jij hinter dem Verb, fällt das -t weg: jij projecteert, aber projecteer jij?

Fragen zu niederländischen Verben

Was ist das Präteritum von projecteren?

projecteerde (ik, jij, hij/zij/het) und projecteerden (wij, jullie, zij).

Was ist das Partizip Perfekt von projecteren?

geprojecteerd, mit hebben: ik heb geprojecteerd.

Wird projecteren mit hebben oder zijn gebildet?

Mit hebben: ik heb geprojecteerd, hij heeft geprojecteerd.

Weitere Verben

Alle VerbenAlle Verben von A bis ZTrennbare Verben: Regeln und PrüferDe-oder-het-Prüfer

Willst du nicht mehr alles nachschlagen?

Der kostenlose Einstufungstest zeigt, wo dein Niederländisch steht und was du als Nächstes lernst.

Formen mit Wiktionary abgeglichen. Zusammengesetzte Zeiten nutzen die festen Formen von hebben, zijn, zullen und zou.