Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Projecteren
projecteren = to project
- Hele werkwoord
- projecteren
- Verleden tijd
- projecteerde · projecteerden
- Voltooide tijd
- heeft geprojecteerd
Kort antwoord
Projecteren is in het Engels to project. Verleden tijd: projecteerde (enkelvoud) en projecteerden (meervoud). Voltooid deelwoord: geprojecteerd, met hebben: ik heb geprojecteerd.
Oefen projecterenTegenwoordige tijd
| ik | projecteer |
| jij | projecteert |
| hij/zij/het | projecteert |
| wij | projecteren |
| jullie | projecteren |
| zij | projecteren |
Verleden tijd
| ik | projecteerde |
| jij | projecteerde |
| hij/zij/het | projecteerde |
| wij | projecteerden |
| jullie | projecteerden |
| zij | projecteerden |
Voltooide tijd
| ik | heb geprojecteerd |
| jij | hebt geprojecteerd |
| hij/zij/het | heeft geprojecteerd |
| wij | hebben geprojecteerd |
| jullie | hebben geprojecteerd |
| zij | hebben geprojecteerd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had geprojecteerd |
| jij | had geprojecteerd |
| hij/zij/het | had geprojecteerd |
| wij | hadden geprojecteerd |
| jullie | hadden geprojecteerd |
| zij | hadden geprojecteerd |
Toekomende tijd
| ik | zal projecteren |
| jij | zult projecteren |
| hij/zij/het | zal projecteren |
| wij | zullen projecteren |
| jullie | zullen projecteren |
| zij | zullen projecteren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou projecteren |
| jij | zou projecteren |
| hij/zij/het | zou projecteren |
| wij | zouden projecteren |
| jullie | zouden projecteren |
| zij | zouden projecteren |
Oefen projecteren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
projecteren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is projecteer. In projecteren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (projecteerde, projecteerden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geprojecteerd).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij projecteert, maar projecteer jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van projecteren?
projecteerde (ik, jij, hij/zij/het) en projecteerden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van projecteren?
geprojecteerd, met hebben: ik heb geprojecteerd.
Gebruik je projecteren met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb geprojecteerd, hij heeft geprojecteerd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.