Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Irregular

Conjugación de Barsten

barsten = estallar, agrietarse

Infinitivo
barsten
Pasado
barstte · barstten
Perfecto
is gebarsten

Respuesta rápida

Barsten significa estallar, agrietarse. Pasado: barstte (singular) y barstten (plural). Participio: gebarsten, con zijn: ik ben gebarsten.

Practica barsten

Presente (tegenwoordige tijd)

ikbarst
jijbarst
hij/zij/hetbarst
wijbarsten
julliebarsten
zijbarsten

Pasado (verleden tijd)

ikbarstte
jijbarstte
hij/zij/hetbarstte
wijbarstten
julliebarstten
zijbarstten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikben gebarsten
jijbent gebarsten
hij/zij/hetis gebarsten
wijzijn gebarsten
julliezijn gebarsten
zijzijn gebarsten

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikwas gebarsten
jijwas gebarsten
hij/zij/hetwas gebarsten
wijwaren gebarsten
julliewaren gebarsten
zijwaren gebarsten

Futuro (toekomende tijd)

ikzal barsten
jijzult barsten
hij/zij/hetzal barsten
wijzullen barsten
julliezullen barsten
zijzullen barsten

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou barsten
jijzou barsten
hij/zij/hetzou barsten
wijzouden barsten
julliezouden barsten
zijzouden barsten

Practica barsten

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

barsten en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Pas op, de oude vaas als je hem laat vallen.

  2. Pasado

    Het ijs op het meer plotseling.

  3. Pretérito perfecto

    De waterleiding vannacht door de vorst .

  4. Oración subordinada

    Ik schrok omdat het glas ineens .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo irregular: el pasado y el participio no siguen el patrón regular con -te/-de, así que aprende las tres formas juntas: barsten, barstte, gebarsten.
  • Perfecto con zijn: ik ben gebarsten, no ik heb gebarsten.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de barsten?

barstte (ik, jij, hij/zij/het) y barstten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de barsten?

gebarsten, con zijn: ik ben gebarsten.

¿El verbo barsten va con hebben o con zijn?

Con zijn: ik ben gebarsten, hij is gebarsten.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.