Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B1 · Regular

Conjugación de Lekken

lekken = gotear

Infinitivo
lekken
Pasado
lekte · lekten
Perfecto
heeft gelekt

Respuesta rápida

Lekken significa gotear. Pasado: lekte (singular) y lekten (plural). Participio: gelekt, con hebben: ik heb gelekt.

Practica lekken

Presente (tegenwoordige tijd)

iklek
jijlekt
hij/zij/hetlekt
wijlekken
jullielekken
zijlekken

Pasado (verleden tijd)

iklekte
jijlekte
hij/zij/hetlekte
wijlekten
jullielekten
zijlekten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb gelekt
jijhebt gelekt
hij/zij/hetheeft gelekt
wijhebben gelekt
julliehebben gelekt
zijhebben gelekt

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad gelekt
jijhad gelekt
hij/zij/hethad gelekt
wijhadden gelekt
julliehadden gelekt
zijhadden gelekt

Futuro (toekomende tijd)

ikzal lekken
jijzult lekken
hij/zij/hetzal lekken
wijzullen lekken
julliezullen lekken
zijzullen lekken

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou lekken
jijzou lekken
hij/zij/hetzou lekken
wijzouden lekken
julliezouden lekken
zijzouden lekken

Practica lekken

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

lekken en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    De oude kraan in de keuken al weken.

  2. Pasado

    Het dak gisteren tijdens de storm.

  3. Oración subordinada

    Ik bel de loodgieter, omdat de buis in de badkamer .

  4. Oración subordinada

    Wij waren boos toen de band van onze fiets .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es lek. En el infinitivo lekken hay una k antes de -en, uno de los sonidos de 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -te (lekte, lekten) y el participio termina en -t (gelekt).
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij lekt, pero lek jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de lekken?

lekte (ik, jij, hij/zij/het) y lekten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de lekken?

gelekt, con hebben: ik heb gelekt.

¿El verbo lekken va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb gelekt, hij heeft gelekt.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.