Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Afstappen
afstappen = to get off, approach
- Hele werkwoord
- afstappen
- Verleden tijd
- stapte af · stapten af
- Voltooide tijd
- is afgestapt
Kort antwoord
Afstappen is in het Engels to get off, approach. Verleden tijd: stapte af (enkelvoud) en stapten af (meervoud). Voltooid deelwoord: afgestapt, met zijn: ik ben afgestapt.
Oefen afstappenTegenwoordige tijd
| ik | stap af |
| jij | stapt af |
| hij/zij/het | stapt af |
| wij | stappen af |
| jullie | stappen af |
| zij | stappen af |
Verleden tijd
| ik | stapte af |
| jij | stapte af |
| hij/zij/het | stapte af |
| wij | stapten af |
| jullie | stapten af |
| zij | stapten af |
Voltooide tijd
| ik | ben afgestapt |
| jij | bent afgestapt |
| hij/zij/het | is afgestapt |
| wij | zijn afgestapt |
| jullie | zijn afgestapt |
| zij | zijn afgestapt |
Voltooid verleden tijd
| ik | was afgestapt |
| jij | was afgestapt |
| hij/zij/het | was afgestapt |
| wij | waren afgestapt |
| jullie | waren afgestapt |
| zij | waren afgestapt |
Toekomende tijd
| ik | zal afstappen |
| jij | zult afstappen |
| hij/zij/het | zal afstappen |
| wij | zullen afstappen |
| jullie | zullen afstappen |
| zij | zullen afstappen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou afstappen |
| jij | zou afstappen |
| hij/zij/het | zou afstappen |
| wij | zouden afstappen |
| jullie | zouden afstappen |
| zij | zouden afstappen |
Afstappen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat af naar het einde (ik stap af). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik afstap). Voltooid deelwoord: afgestapt.
| Hoofdzin | ik stap af |
| Vraag | stap jij af? |
| Bijzin | … dat ik afstap |
| Met een modaal werkwoord | ik wil afstappen |
| Voltooide tijd | ik ben afgestapt |
| Met om ... te | om af te stappen |
| Gebiedende wijs | stap af! |
Oefen afstappen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
afstappen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is stap. In stappen staat p voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (stapte, stapten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (afgestapt).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat af naar het eind: ik stap af. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik afstap, ... dat ik afstapte.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: afgestapt.
- Voltooide tijd met zijn: ik ben afgestapt, niet ik heb afgestapt.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van afstappen?
stapte af (ik, jij, hij/zij/het) en stapten af (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van afstappen?
afgestapt, met zijn: ik ben afgestapt.
Gebruik je afstappen met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben afgestapt, hij is afgestapt.
Is afstappen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat af naar het einde (ik stap af), in een bijzin blijft het vast (dat ik afstap). Voltooid deelwoord: afgestapt.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.