Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Dreigen

dreigen = to threaten

Hele werkwoord
dreigen
Verleden tijd
dreigde · dreigden
Voltooide tijd
heeft gedreigd

Kort antwoord

Dreigen is in het Engels to threaten. Verleden tijd: dreigde (enkelvoud) en dreigden (meervoud). Voltooid deelwoord: gedreigd, met hebben: ik heb gedreigd.

Oefen dreigen

Tegenwoordige tijd

ikdreig
jijdreigt
hij/zij/hetdreigt
wijdreigen
julliedreigen
zijdreigen

Verleden tijd

ikdreigde
jijdreigde
hij/zij/hetdreigde
wijdreigden
julliedreigden
zijdreigden

Voltooide tijd

ikheb gedreigd
jijhebt gedreigd
hij/zij/hetheeft gedreigd
wijhebben gedreigd
julliehebben gedreigd
zijhebben gedreigd

Voltooid verleden tijd

ikhad gedreigd
jijhad gedreigd
hij/zij/hethad gedreigd
wijhadden gedreigd
julliehadden gedreigd
zijhadden gedreigd

Toekomende tijd

ikzal dreigen
jijzult dreigen
hij/zij/hetzal dreigen
wijzullen dreigen
julliezullen dreigen
zijzullen dreigen

Voorwaardelijke wijs

ikzou dreigen
jijzou dreigen
hij/zij/hetzou dreigen
wijzouden dreigen
julliezouden dreigen
zijzouden dreigen

Oefen dreigen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

dreigen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Het weer vandaag slecht te worden.

  2. Verleden tijd

    De man de winkelier met een stok.

  3. Bijzin

    Iedereen bleef thuis omdat er een storm .

  4. Tegenwoordige tijd

    Jullie steeds met boze brieven, maar niets gebeurt.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is dreig. In dreigen staat g voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (dreigde, dreigden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gedreigd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij dreigt, maar dreig jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van dreigen?

dreigde (ik, jij, hij/zij/het) en dreigden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van dreigen?

gedreigd, met hebben: ik heb gedreigd.

Gebruik je dreigen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gedreigd, hij heeft gedreigd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.