Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Heersen
heersen = to prevail
- Hele werkwoord
- heersen
- Verleden tijd
- heerste · heersten
- Voltooide tijd
- heeft geheerst
Kort antwoord
Heersen is in het Engels to prevail. Verleden tijd: heerste (enkelvoud) en heersten (meervoud). Voltooid deelwoord: geheerst, met hebben: ik heb geheerst.
Oefen heersenTegenwoordige tijd
| ik | heers |
| jij | heerst |
| hij/zij/het | heerst |
| wij | heersen |
| jullie | heersen |
| zij | heersen |
Verleden tijd
| ik | heerste |
| jij | heerste |
| hij/zij/het | heerste |
| wij | heersten |
| jullie | heersten |
| zij | heersten |
Voltooide tijd
| ik | heb geheerst |
| jij | hebt geheerst |
| hij/zij/het | heeft geheerst |
| wij | hebben geheerst |
| jullie | hebben geheerst |
| zij | hebben geheerst |
Voltooid verleden tijd
| ik | had geheerst |
| jij | had geheerst |
| hij/zij/het | had geheerst |
| wij | hadden geheerst |
| jullie | hadden geheerst |
| zij | hadden geheerst |
Toekomende tijd
| ik | zal heersen |
| jij | zult heersen |
| hij/zij/het | zal heersen |
| wij | zullen heersen |
| jullie | zullen heersen |
| zij | zullen heersen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou heersen |
| jij | zou heersen |
| hij/zij/het | zou heersen |
| wij | zouden heersen |
| jullie | zouden heersen |
| zij | zouden heersen |
Oefen heersen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
heersen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is heers. In heersen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (heerste, heersten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geheerst).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij heerst, maar heers jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van heersen?
heerste (ik, jij, hij/zij/het) en heersten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van heersen?
geheerst, met hebben: ik heb geheerst.
Gebruik je heersen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb geheerst, hij heeft geheerst.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.