Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau C1 · Regelmatig

Vervoeging van Hellen

hellen = to slope

Hele werkwoord
hellen
Verleden tijd
helde · helden
Voltooide tijd
heeft geheld

Kort antwoord

Hellen is in het Engels to slope. Verleden tijd: helde (enkelvoud) en helden (meervoud). Voltooid deelwoord: geheld, met hebben: ik heb geheld.

Oefen hellen

Tegenwoordige tijd

ikhel
jijhelt
hij/zij/hethelt
wijhellen
julliehellen
zijhellen

Verleden tijd

ikhelde
jijhelde
hij/zij/hethelde
wijhelden
julliehelden
zijhelden

Voltooide tijd

ikheb geheld
jijhebt geheld
hij/zij/hetheeft geheld
wijhebben geheld
julliehebben geheld
zijhebben geheld

Voltooid verleden tijd

ikhad geheld
jijhad geheld
hij/zij/hethad geheld
wijhadden geheld
julliehadden geheld
zijhadden geheld

Toekomende tijd

ikzal hellen
jijzult hellen
hij/zij/hetzal hellen
wijzullen hellen
julliezullen hellen
zijzullen hellen

Voorwaardelijke wijs

ikzou hellen
jijzou hellen
hij/zij/hetzou hellen
wijzouden hellen
julliezouden hellen
zijzouden hellen

Oefen hellen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

hellen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Het dak van het huis een beetje naar links.

  2. Verleden tijd

    De straat steil naar het water.

  3. Bijzin

    De bal rolt weg omdat het veld zo sterk .

  4. Bijzin

    Toen de boot begon te zinken, het dek steeds meer.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is hel. In hellen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (helde, helden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geheld).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij helt, maar hel jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van hellen?

helde (ik, jij, hij/zij/het) en helden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van hellen?

geheld, met hebben: ik heb geheld.

Gebruik je hellen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geheld, hij heeft geheld.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.