Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Koppelen
koppelen = to connect
- Hele werkwoord
- koppelen
- Verleden tijd
- koppelde · koppelden
- Voltooide tijd
- heeft gekoppeld
Kort antwoord
Koppelen is in het Engels to connect. Verleden tijd: koppelde (enkelvoud) en koppelden (meervoud). Voltooid deelwoord: gekoppeld, met hebben: ik heb gekoppeld.
Oefen koppelenTegenwoordige tijd
| ik | koppel |
| jij | koppelt |
| hij/zij/het | koppelt |
| wij | koppelen |
| jullie | koppelen |
| zij | koppelen |
Verleden tijd
| ik | koppelde |
| jij | koppelde |
| hij/zij/het | koppelde |
| wij | koppelden |
| jullie | koppelden |
| zij | koppelden |
Voltooide tijd
| ik | heb gekoppeld |
| jij | hebt gekoppeld |
| hij/zij/het | heeft gekoppeld |
| wij | hebben gekoppeld |
| jullie | hebben gekoppeld |
| zij | hebben gekoppeld |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gekoppeld |
| jij | had gekoppeld |
| hij/zij/het | had gekoppeld |
| wij | hadden gekoppeld |
| jullie | hadden gekoppeld |
| zij | hadden gekoppeld |
Toekomende tijd
| ik | zal koppelen |
| jij | zult koppelen |
| hij/zij/het | zal koppelen |
| wij | zullen koppelen |
| jullie | zullen koppelen |
| zij | zullen koppelen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou koppelen |
| jij | zou koppelen |
| hij/zij/het | zou koppelen |
| wij | zouden koppelen |
| jullie | zouden koppelen |
| zij | zouden koppelen |
Oefen koppelen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
koppelen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is koppel. In koppelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (koppelde, koppelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gekoppeld).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij koppelt, maar koppel jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van koppelen?
koppelde (ik, jij, hij/zij/het) en koppelden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van koppelen?
gekoppeld, met hebben: ik heb gekoppeld.
Gebruik je koppelen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gekoppeld, hij heeft gekoppeld.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.