Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Meetellen
meetellen = to count, be included
- Hele werkwoord
- meetellen
- Verleden tijd
- telde mee · telden mee
- Voltooide tijd
- heeft meegeteld
Kort antwoord
Meetellen is in het Engels to count, be included. Verleden tijd: telde mee (enkelvoud) en telden mee (meervoud). Voltooid deelwoord: meegeteld, met hebben: ik heb meegeteld.
Oefen meetellenTegenwoordige tijd
| ik | tel mee |
| jij | telt mee |
| hij/zij/het | telt mee |
| wij | tellen mee |
| jullie | tellen mee |
| zij | tellen mee |
Verleden tijd
| ik | telde mee |
| jij | telde mee |
| hij/zij/het | telde mee |
| wij | telden mee |
| jullie | telden mee |
| zij | telden mee |
Voltooide tijd
| ik | heb meegeteld |
| jij | hebt meegeteld |
| hij/zij/het | heeft meegeteld |
| wij | hebben meegeteld |
| jullie | hebben meegeteld |
| zij | hebben meegeteld |
Voltooid verleden tijd
| ik | had meegeteld |
| jij | had meegeteld |
| hij/zij/het | had meegeteld |
| wij | hadden meegeteld |
| jullie | hadden meegeteld |
| zij | hadden meegeteld |
Toekomende tijd
| ik | zal meetellen |
| jij | zult meetellen |
| hij/zij/het | zal meetellen |
| wij | zullen meetellen |
| jullie | zullen meetellen |
| zij | zullen meetellen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou meetellen |
| jij | zou meetellen |
| hij/zij/het | zou meetellen |
| wij | zouden meetellen |
| jullie | zouden meetellen |
| zij | zouden meetellen |
Meetellen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat mee naar het einde (ik tel mee). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik meetel). Voltooid deelwoord: meegeteld.
| Hoofdzin | ik tel mee |
| Vraag | tel jij mee? |
| Bijzin | … dat ik meetel |
| Met een modaal werkwoord | ik wil meetellen |
| Voltooide tijd | ik heb meegeteld |
| Met om ... te | om mee te tellen |
| Gebiedende wijs | tel mee! |
Oefen meetellen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
meetellen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is tel. In tellen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (telde, telden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (meegeteld).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat mee naar het eind: ik tel mee. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik meetel, ... dat ik meetelde.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: meegeteld.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van meetellen?
telde mee (ik, jij, hij/zij/het) en telden mee (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van meetellen?
meegeteld, met hebben: ik heb meegeteld.
Gebruik je meetellen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb meegeteld, hij heeft meegeteld.
Is meetellen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat mee naar het einde (ik tel mee), in een bijzin blijft het vast (dat ik meetel). Voltooid deelwoord: meegeteld.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.