Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Opklaren

opklaren = to clear up

Hele werkwoord
opklaren
Verleden tijd
klaarde op · klaarden op
Voltooide tijd
is opgeklaard

Kort antwoord

Opklaren is in het Engels to clear up. Verleden tijd: klaarde op (enkelvoud) en klaarden op (meervoud). Voltooid deelwoord: opgeklaard, met zijn: ik ben opgeklaard.

Oefen opklaren

Tegenwoordige tijd

ikklaar op
jijklaart op
hij/zij/hetklaart op
wijklaren op
jullieklaren op
zijklaren op

Verleden tijd

ikklaarde op
jijklaarde op
hij/zij/hetklaarde op
wijklaarden op
jullieklaarden op
zijklaarden op

Voltooide tijd

ikben opgeklaard
jijbent opgeklaard
hij/zij/hetis opgeklaard
wijzijn opgeklaard
julliezijn opgeklaard
zijzijn opgeklaard

Voltooid verleden tijd

ikwas opgeklaard
jijwas opgeklaard
hij/zij/hetwas opgeklaard
wijwaren opgeklaard
julliewaren opgeklaard
zijwaren opgeklaard

Toekomende tijd

ikzal opklaren
jijzult opklaren
hij/zij/hetzal opklaren
wijzullen opklaren
julliezullen opklaren
zijzullen opklaren

Voorwaardelijke wijs

ikzou opklaren
jijzou opklaren
hij/zij/hetzou opklaren
wijzouden opklaren
julliezouden opklaren
zijzouden opklaren

Opklaren is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik klaar op). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik opklaar). Voltooid deelwoord: opgeklaard.

Hoofdzinik klaar op
Vraagklaar jij op?
Bijzin… dat ik opklaar
Met een modaal werkwoordik wil opklaren
Voltooide tijdik ben opgeklaard
Met om ... teom op te klaren
Gebiedende wijsklaar op!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen opklaren

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

opklaren in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Na de bui het weer snel .

  2. Verleden tijd

    Gisteren de lucht tegen de avond .

  3. Voltooide tijd

    Gelukkig het weer vanmiddag .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is klaar. In klaren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (klaarde, klaarden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (opgeklaard).
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat op naar het eind: ik klaar op. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik opklaar, ... dat ik opklaarde.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: opgeklaard.
  • Voltooide tijd met zijn: ik ben opgeklaard, niet ik heb opgeklaard.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van opklaren?

klaarde op (ik, jij, hij/zij/het) en klaarden op (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van opklaren?

opgeklaard, met zijn: ik ben opgeklaard.

Gebruik je opklaren met hebben of zijn?

Met zijn: ik ben opgeklaard, hij is opgeklaard.

Is opklaren een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik klaar op), in een bijzin blijft het vast (dat ik opklaar). Voltooid deelwoord: opgeklaard.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.