Niveau B2 · Regelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Opklaren
opklaren = to clear up
- Hele werkwoord
- opklaren
- Verleden tijd
- klaarde op · klaarden op
- Voltooide tijd
- is opgeklaard
Kort antwoord
Opklaren is in het Engels to clear up. Verleden tijd: klaarde op (enkelvoud) en klaarden op (meervoud). Voltooid deelwoord: opgeklaard, met zijn: ik ben opgeklaard.
Oefen opklarenTegenwoordige tijd
| ik | klaar op |
| jij | klaart op |
| hij/zij/het | klaart op |
| wij | klaren op |
| jullie | klaren op |
| zij | klaren op |
Verleden tijd
| ik | klaarde op |
| jij | klaarde op |
| hij/zij/het | klaarde op |
| wij | klaarden op |
| jullie | klaarden op |
| zij | klaarden op |
Voltooide tijd
| ik | ben opgeklaard |
| jij | bent opgeklaard |
| hij/zij/het | is opgeklaard |
| wij | zijn opgeklaard |
| jullie | zijn opgeklaard |
| zij | zijn opgeklaard |
Voltooid verleden tijd
| ik | was opgeklaard |
| jij | was opgeklaard |
| hij/zij/het | was opgeklaard |
| wij | waren opgeklaard |
| jullie | waren opgeklaard |
| zij | waren opgeklaard |
Toekomende tijd
| ik | zal opklaren |
| jij | zult opklaren |
| hij/zij/het | zal opklaren |
| wij | zullen opklaren |
| jullie | zullen opklaren |
| zij | zullen opklaren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou opklaren |
| jij | zou opklaren |
| hij/zij/het | zou opklaren |
| wij | zouden opklaren |
| jullie | zouden opklaren |
| zij | zouden opklaren |
Opklaren is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik klaar op). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik opklaar). Voltooid deelwoord: opgeklaard.
| Hoofdzin | ik klaar op |
| Vraag | klaar jij op? |
| Bijzin | … dat ik opklaar |
| Met een modaal werkwoord | ik wil opklaren |
| Voltooide tijd | ik ben opgeklaard |
| Met om ... te | om op te klaren |
| Gebiedende wijs | klaar op! |
Oefen opklaren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
opklaren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is klaar. In klaren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (klaarde, klaarden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (opgeklaard).
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat op naar het eind: ik klaar op. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik opklaar, ... dat ik opklaarde.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: opgeklaard.
- Voltooide tijd met zijn: ik ben opgeklaard, niet ik heb opgeklaard.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van opklaren?
klaarde op (ik, jij, hij/zij/het) en klaarden op (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van opklaren?
opgeklaard, met zijn: ik ben opgeklaard.
Gebruik je opklaren met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben opgeklaard, hij is opgeklaard.
Is opklaren een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat op naar het einde (ik klaar op), in een bijzin blijft het vast (dat ik opklaar). Voltooid deelwoord: opgeklaard.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.