Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Reduceren

reduceren = to reduce

Hele werkwoord
reduceren
Verleden tijd
reduceerde · reduceerden
Voltooide tijd
heeft gereduceerd

Kort antwoord

Reduceren is in het Engels to reduce. Verleden tijd: reduceerde (enkelvoud) en reduceerden (meervoud). Voltooid deelwoord: gereduceerd, met hebben: ik heb gereduceerd.

Oefen reduceren

Tegenwoordige tijd

ikreduceer
jijreduceert
hij/zij/hetreduceert
wijreduceren
julliereduceren
zijreduceren

Verleden tijd

ikreduceerde
jijreduceerde
hij/zij/hetreduceerde
wijreduceerden
julliereduceerden
zijreduceerden

Voltooide tijd

ikheb gereduceerd
jijhebt gereduceerd
hij/zij/hetheeft gereduceerd
wijhebben gereduceerd
julliehebben gereduceerd
zijhebben gereduceerd

Voltooid verleden tijd

ikhad gereduceerd
jijhad gereduceerd
hij/zij/hethad gereduceerd
wijhadden gereduceerd
julliehadden gereduceerd
zijhadden gereduceerd

Toekomende tijd

ikzal reduceren
jijzult reduceren
hij/zij/hetzal reduceren
wijzullen reduceren
julliezullen reduceren
zijzullen reduceren

Voorwaardelijke wijs

ikzou reduceren
jijzou reduceren
hij/zij/hetzou reduceren
wijzouden reduceren
julliezouden reduceren
zijzouden reduceren

Oefen reduceren

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

reduceren in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Het bedrijf dit jaar zijn kosten.

  2. Verleden tijd

    Vorig jaar wij ons gebruik van plastic.

  3. Voltooide tijd

    De school het aantal toetsen .

  4. Bijzin

    Ik voel me beter omdat ik mijn werkdruk .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is reduceer. In reduceren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (reduceerde, reduceerden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gereduceerd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij reduceert, maar reduceer jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van reduceren?

reduceerde (ik, jij, hij/zij/het) en reduceerden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van reduceren?

gereduceerd, met hebben: ik heb gereduceerd.

Gebruik je reduceren met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gereduceerd, hij heeft gereduceerd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.