Niveau A2 · Onregelmatig
Vervoeging van Schieten
schieten = to shoot, fire
- Hele werkwoord
- schieten
- Verleden tijd
- schoot · schoten
- Voltooide tijd
- heeft / is geschoten
Kort antwoord
Schieten is in het Engels to shoot, fire. Verleden tijd: schoot (enkelvoud) en schoten (meervoud). Voltooid deelwoord: geschoten, met hebben / zijn: ik heb / ben geschoten.
Oefen schietenTegenwoordige tijd
| ik | schiet |
| jij | schiet |
| hij/zij/het | schiet |
| wij | schieten |
| jullie | schieten |
| zij | schieten |
Verleden tijd
| ik | schoot |
| jij | schoot |
| hij/zij/het | schoot |
| wij | schoten |
| jullie | schoten |
| zij | schoten |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben geschoten |
| jij | hebt / bent geschoten |
| hij/zij/het | heeft / is geschoten |
| wij | hebben / zijn geschoten |
| jullie | hebben / zijn geschoten |
| zij | hebben / zijn geschoten |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was geschoten |
| jij | had / was geschoten |
| hij/zij/het | had / was geschoten |
| wij | hadden / waren geschoten |
| jullie | hadden / waren geschoten |
| zij | hadden / waren geschoten |
Toekomende tijd
| ik | zal schieten |
| jij | zult schieten |
| hij/zij/het | zal schieten |
| wij | zullen schieten |
| jullie | zullen schieten |
| zij | zullen schieten |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou schieten |
| jij | zou schieten |
| hij/zij/het | zou schieten |
| wij | zouden schieten |
| jullie | zouden schieten |
| zij | zouden schieten |
Oefen schieten
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
schieten in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: schieten, schoot, geschoten.
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. De jager heeft een haas geschoten. De bal is langs het doel geschoten.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van schieten?
schoot (ik, jij, hij/zij/het) en schoten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van schieten?
geschoten, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: De jager heeft een haas geschoten. De bal is langs het doel geschoten.
Gebruik je schieten met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: De jager heeft een haas geschoten. De bal is langs het doel geschoten.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.