Niveau A1 · Regelmatig
Vervoeging van Spelen
spelen = to play
- Hele werkwoord
- spelen
- Verleden tijd
- speelde · speelden
- Voltooide tijd
- heeft gespeeld
Kort antwoord
Spelen is in het Engels to play. Verleden tijd: speelde (enkelvoud) en speelden (meervoud). Voltooid deelwoord: gespeeld, met hebben: ik heb gespeeld.
Oefen spelenTegenwoordige tijd
| ik | speel |
| jij | speelt |
| hij/zij/het | speelt |
| wij | spelen |
| jullie | spelen |
| zij | spelen |
Verleden tijd
| ik | speelde |
| jij | speelde |
| hij/zij/het | speelde |
| wij | speelden |
| jullie | speelden |
| zij | speelden |
Voltooide tijd
| ik | heb gespeeld |
| jij | hebt gespeeld |
| hij/zij/het | heeft gespeeld |
| wij | hebben gespeeld |
| jullie | hebben gespeeld |
| zij | hebben gespeeld |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gespeeld |
| jij | had gespeeld |
| hij/zij/het | had gespeeld |
| wij | hadden gespeeld |
| jullie | hadden gespeeld |
| zij | hadden gespeeld |
Toekomende tijd
| ik | zal spelen |
| jij | zult spelen |
| hij/zij/het | zal spelen |
| wij | zullen spelen |
| jullie | zullen spelen |
| zij | zullen spelen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou spelen |
| jij | zou spelen |
| hij/zij/het | zou spelen |
| wij | zouden spelen |
| jullie | zouden spelen |
| zij | zouden spelen |
Oefen spelen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
1 van 60 ✓
Tegenwoordige tijd
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is speel. In spelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (speelde, speelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gespeeld).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij speelt, maar speel jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van spelen?
speelde (ik, jij, hij/zij/het) en speelden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van spelen?
gespeeld, met hebben: ik heb gespeeld.
Gebruik je spelen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gespeeld, hij heeft gespeeld.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.