Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Stemmen

stemmen = to vote, to approve

Hele werkwoord
stemmen
Verleden tijd
stemde · stemden
Voltooide tijd
heeft gestemd

Kort antwoord

Stemmen is in het Engels to vote, to approve. Verleden tijd: stemde (enkelvoud) en stemden (meervoud). Voltooid deelwoord: gestemd, met hebben: ik heb gestemd.

Oefen stemmen

Tegenwoordige tijd

ikstem
jijstemt
hij/zij/hetstemt
wijstemmen
julliestemmen
zijstemmen

Verleden tijd

ikstemde
jijstemde
hij/zij/hetstemde
wijstemden
julliestemden
zijstemden

Voltooide tijd

ikheb gestemd
jijhebt gestemd
hij/zij/hetheeft gestemd
wijhebben gestemd
julliehebben gestemd
zijhebben gestemd

Voltooid verleden tijd

ikhad gestemd
jijhad gestemd
hij/zij/hethad gestemd
wijhadden gestemd
julliehadden gestemd
zijhadden gestemd

Toekomende tijd

ikzal stemmen
jijzult stemmen
hij/zij/hetzal stemmen
wijzullen stemmen
julliezullen stemmen
zijzullen stemmen

Voorwaardelijke wijs

ikzou stemmen
jijzou stemmen
hij/zij/hetzou stemmen
wijzouden stemmen
julliezouden stemmen
zijzouden stemmen

Oefen stemmen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

stemmen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik morgen voor het eerst in mijn leven.

  2. Verleden tijd

    Mijn opa vroeger altijd op dezelfde partij.

  3. Voltooide tijd

    Wij gisteren allemaal voor het nieuwe plan .

  4. Bijzin

    Het is belangrijk dat jullie .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is stem. In stemmen staat m voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (stemde, stemden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gestemd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij stemt, maar stem jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van stemmen?

stemde (ik, jij, hij/zij/het) en stemden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van stemmen?

gestemd, met hebben: ik heb gestemd.

Gebruik je stemmen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gestemd, hij heeft gestemd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.