Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Stoffen

stoffen = to dust

Hele werkwoord
stoffen
Verleden tijd
stofte · stoften
Voltooide tijd
heeft gestoft

Kort antwoord

Stoffen is in het Engels to dust. Verleden tijd: stofte (enkelvoud) en stoften (meervoud). Voltooid deelwoord: gestoft, met hebben: ik heb gestoft.

Oefen stoffen

Tegenwoordige tijd

ikstof
jijstoft
hij/zij/hetstoft
wijstoffen
julliestoffen
zijstoffen

Verleden tijd

ikstofte
jijstofte
hij/zij/hetstofte
wijstoften
julliestoften
zijstoften

Voltooide tijd

ikheb gestoft
jijhebt gestoft
hij/zij/hetheeft gestoft
wijhebben gestoft
julliehebben gestoft
zijhebben gestoft

Voltooid verleden tijd

ikhad gestoft
jijhad gestoft
hij/zij/hethad gestoft
wijhadden gestoft
julliehadden gestoft
zijhadden gestoft

Toekomende tijd

ikzal stoffen
jijzult stoffen
hij/zij/hetzal stoffen
wijzullen stoffen
julliezullen stoffen
zijzullen stoffen

Voorwaardelijke wijs

ikzou stoffen
jijzou stoffen
hij/zij/hetzou stoffen
wijzouden stoffen
julliezouden stoffen
zijzouden stoffen

Oefen stoffen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

stoffen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Mijn moeder elke zaterdag de kasten.

  2. Verleden tijd

    Gisteren ik de hele woonkamer.

  3. Voltooide tijd

    Jij de planken nog niet .

  4. Bijzin

    Ik ruim op terwijl jij de tafel .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is stof. In stoffen staat f voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (stofte, stoften) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gestoft).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij stoft, maar stof jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van stoffen?

stofte (ik, jij, hij/zij/het) en stoften (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van stoffen?

gestoft, met hebben: ik heb gestoft.

Gebruik je stoffen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gestoft, hij heeft gestoft.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.