Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Sudderen

sudderen = to simmer

Hele werkwoord
sudderen
Verleden tijd
sudderde · sudderden
Voltooide tijd
heeft gesudderd

Kort antwoord

Sudderen is in het Engels to simmer. Verleden tijd: sudderde (enkelvoud) en sudderden (meervoud). Voltooid deelwoord: gesudderd, met hebben: ik heb gesudderd.

Oefen sudderen

Tegenwoordige tijd

iksudder
jijsuddert
hij/zij/hetsuddert
wijsudderen
julliesudderen
zijsudderen

Verleden tijd

iksudderde
jijsudderde
hij/zij/hetsudderde
wijsudderden
julliesudderden
zijsudderden

Voltooide tijd

ikheb gesudderd
jijhebt gesudderd
hij/zij/hetheeft gesudderd
wijhebben gesudderd
julliehebben gesudderd
zijhebben gesudderd

Voltooid verleden tijd

ikhad gesudderd
jijhad gesudderd
hij/zij/hethad gesudderd
wijhadden gesudderd
julliehadden gesudderd
zijhadden gesudderd

Toekomende tijd

ikzal sudderen
jijzult sudderen
hij/zij/hetzal sudderen
wijzullen sudderen
julliezullen sudderen
zijzullen sudderen

Voorwaardelijke wijs

ikzou sudderen
jijzou sudderen
hij/zij/hetzou sudderen
wijzouden sudderen
julliezouden sudderen
zijzouden sudderen

Oefen sudderen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

sudderen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Verleden tijd

    De saus de hele middag zachtjes.

  2. Voltooide tijd

    Het vlees drie uur lang .

  3. Verleden tijd

    De stoofpotten al uren toen de gasten kwamen.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is sudder. In sudderen staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (sudderde, sudderden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gesudderd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij suddert, maar sudder jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van sudderen?

sudderde (ik, jij, hij/zij/het) en sudderden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van sudderen?

gesudderd, met hebben: ik heb gesudderd.

Gebruik je sudderen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gesudderd, hij heeft gesudderd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.