Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Toetsen
toetsen = to assess
- Hele werkwoord
- toetsen
- Verleden tijd
- toetste · toetsten
- Voltooide tijd
- heeft getoetst
Kort antwoord
Toetsen is in het Engels to assess. Verleden tijd: toetste (enkelvoud) en toetsten (meervoud). Voltooid deelwoord: getoetst, met hebben: ik heb getoetst.
Oefen toetsenTegenwoordige tijd
| ik | toets |
| jij | toetst |
| hij/zij/het | toetst |
| wij | toetsen |
| jullie | toetsen |
| zij | toetsen |
Verleden tijd
| ik | toetste |
| jij | toetste |
| hij/zij/het | toetste |
| wij | toetsten |
| jullie | toetsten |
| zij | toetsten |
Voltooide tijd
| ik | heb getoetst |
| jij | hebt getoetst |
| hij/zij/het | heeft getoetst |
| wij | hebben getoetst |
| jullie | hebben getoetst |
| zij | hebben getoetst |
Voltooid verleden tijd
| ik | had getoetst |
| jij | had getoetst |
| hij/zij/het | had getoetst |
| wij | hadden getoetst |
| jullie | hadden getoetst |
| zij | hadden getoetst |
Toekomende tijd
| ik | zal toetsen |
| jij | zult toetsen |
| hij/zij/het | zal toetsen |
| wij | zullen toetsen |
| jullie | zullen toetsen |
| zij | zullen toetsen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou toetsen |
| jij | zou toetsen |
| hij/zij/het | zou toetsen |
| wij | zouden toetsen |
| jullie | zouden toetsen |
| zij | zouden toetsen |
Oefen toetsen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
toetsen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is toets. In toetsen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (toetste, toetsten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (getoetst).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij toetst, maar toets jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van toetsen?
toetste (ik, jij, hij/zij/het) en toetsten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van toetsen?
getoetst, met hebben: ik heb getoetst.
Gebruik je toetsen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb getoetst, hij heeft getoetst.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.