Level B1 · Regular, separable
Doorwerken conjugation
doorwerken = to keep working
- Infinitive
- doorwerken
- Past
- werkte door · werkten door
- Perfect
- heeft doorgewerkt
Quick answer
Doorwerken means to keep working. Past tense: werkte door (singular) and werkten door (plural). Past participle: doorgewerkt, with hebben: ik heb doorgewerkt.
Practise doorwerkenPresent (tegenwoordige tijd)
| ik | werk door |
| jij | werkt door |
| hij/zij/het | werkt door |
| wij | werken door |
| jullie | werken door |
| zij | werken door |
Past (verleden tijd)
| ik | werkte door |
| jij | werkte door |
| hij/zij/het | werkte door |
| wij | werkten door |
| jullie | werkten door |
| zij | werkten door |
Perfect (voltooide tijd)
| ik | heb doorgewerkt |
| jij | hebt doorgewerkt |
| hij/zij/het | heeft doorgewerkt |
| wij | hebben doorgewerkt |
| jullie | hebben doorgewerkt |
| zij | hebben doorgewerkt |
Past perfect (voltooid verleden tijd)
| ik | had doorgewerkt |
| jij | had doorgewerkt |
| hij/zij/het | had doorgewerkt |
| wij | hadden doorgewerkt |
| jullie | hadden doorgewerkt |
| zij | hadden doorgewerkt |
Future (toekomende tijd)
| ik | zal doorwerken |
| jij | zult doorwerken |
| hij/zij/het | zal doorwerken |
| wij | zullen doorwerken |
| jullie | zullen doorwerken |
| zij | zullen doorwerken |
Conditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou doorwerken |
| jij | zou doorwerken |
| hij/zij/het | zou doorwerken |
| wij | zouden doorwerken |
| jullie | zouden doorwerken |
| zij | zouden doorwerken |
Doorwerken is a separable verb
In a main clause door goes to the end (ik werk door). In a subordinate clause the two parts stay together (dat ik doorwerk). Participle: doorgewerkt.
| Main clause | ik werk door |
| Question | werk jij door? |
| Subordinate clause | … dat ik doorwerk |
| With a modal verb | ik wil doorwerken |
| Perfect tense | ik heb doorgewerkt |
| With om ... te | om door te werken |
| Imperative | werk door! |
Practise doorwerken
Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.
Present
How this verb works
- Regular verb. The stem is werk. The infinitive werken has k before -en, one of the sounds in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -te (werkte, werkten) and the participle ends in -t (doorgewerkt).
- Separable verb. In a main clause the prefix door goes to the end: ik werk door. In a subordinate clause it stays attached: ... dat ik doorwerk, ... dat ik doorwerkte.
- In the participle, ge goes between the two parts: doorgewerkt.
Questions about Dutch verbs
What is the past tense of doorwerken?
werkte door (ik, jij, hij/zij/het) and werkten door (wij, jullie, zij).
What is the past participle of doorwerken?
doorgewerkt, with hebben: ik heb doorgewerkt.
Is doorwerken used with hebben or zijn?
With hebben: ik heb doorgewerkt, hij heeft doorgewerkt.
Is doorwerken a separable verb?
Yes. In a main clause door goes to the end (ik werk door), in a subordinate clause it stays attached (dat ik doorwerk). Participle: doorgewerkt.
More verbs
All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker
Want to stop looking words up?
The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.
Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.