Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Uiten

uiten = to express, utter

Hele werkwoord
uiten
Verleden tijd
uitte · uitten
Voltooide tijd
heeft geüit

Kort antwoord

Uiten is in het Engels to express, utter. Verleden tijd: uitte (enkelvoud) en uitten (meervoud). Voltooid deelwoord: geüit, met hebben: ik heb geüit.

Oefen uiten

Tegenwoordige tijd

ikuit
jijuit
hij/zij/hetuit
wijuiten
jullieuiten
zijuiten

Verleden tijd

ikuitte
jijuitte
hij/zij/hetuitte
wijuitten
jullieuitten
zijuitten

Voltooide tijd

ikheb geüit
jijhebt geüit
hij/zij/hetheeft geüit
wijhebben geüit
julliehebben geüit
zijhebben geüit

Voltooid verleden tijd

ikhad geüit
jijhad geüit
hij/zij/hethad geüit
wijhadden geüit
julliehadden geüit
zijhadden geüit

Toekomende tijd

ikzal uiten
jijzult uiten
hij/zij/hetzal uiten
wijzullen uiten
julliezullen uiten
zijzullen uiten

Voorwaardelijke wijs

ikzou uiten
jijzou uiten
hij/zij/hetzou uiten
wijzouden uiten
julliezouden uiten
zijzouden uiten

Oefen uiten

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

uiten in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Zij haar mening altijd heel duidelijk.

  2. Verleden tijd

    De man zijn zorgen tijdens de vergadering.

  3. Bijzin

    Ik ben blij dat jullie je ideeën durven te .

  4. Tegenwoordige tijd

    Wij onze dank met een kleine bos bloemen.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is uit. In uiten staat t voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (uitte, uitten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geüit).

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van uiten?

uitte (ik, jij, hij/zij/het) en uitten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van uiten?

geüit, met hebben: ik heb geüit.

Gebruik je uiten met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geüit, hij heeft geüit.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.