Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Uitlachen
uitlachen = to ridicule
- Hele werkwoord
- uitlachen
- Verleden tijd
- lachte uit · lachten uit
- Voltooide tijd
- heeft uitgelachen
Kort antwoord
Uitlachen is in het Engels to ridicule. Verleden tijd: lachte uit (enkelvoud) en lachten uit (meervoud). Voltooid deelwoord: uitgelachen, met hebben: ik heb uitgelachen.
Oefen uitlachenTegenwoordige tijd
| ik | lach uit |
| jij | lacht uit |
| hij/zij/het | lacht uit |
| wij | lachen uit |
| jullie | lachen uit |
| zij | lachen uit |
Verleden tijd
| ik | lachte uit |
| jij | lachte uit |
| hij/zij/het | lachte uit |
| wij | lachten uit |
| jullie | lachten uit |
| zij | lachten uit |
Voltooide tijd
| ik | heb uitgelachen |
| jij | hebt uitgelachen |
| hij/zij/het | heeft uitgelachen |
| wij | hebben uitgelachen |
| jullie | hebben uitgelachen |
| zij | hebben uitgelachen |
Voltooid verleden tijd
| ik | had uitgelachen |
| jij | had uitgelachen |
| hij/zij/het | had uitgelachen |
| wij | hadden uitgelachen |
| jullie | hadden uitgelachen |
| zij | hadden uitgelachen |
Toekomende tijd
| ik | zal uitlachen |
| jij | zult uitlachen |
| hij/zij/het | zal uitlachen |
| wij | zullen uitlachen |
| jullie | zullen uitlachen |
| zij | zullen uitlachen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou uitlachen |
| jij | zou uitlachen |
| hij/zij/het | zou uitlachen |
| wij | zouden uitlachen |
| jullie | zouden uitlachen |
| zij | zouden uitlachen |
Uitlachen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik lach uit). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik uitlach). Voltooid deelwoord: uitgelachen.
| Hoofdzin | ik lach uit |
| Vraag | lach jij uit? |
| Bijzin | … dat ik uitlach |
| Met een modaal werkwoord | ik wil uitlachen |
| Voltooide tijd | ik heb uitgelachen |
| Met om ... te | om uit te lachen |
| Gebiedende wijs | lach uit! |
Oefen uitlachen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
uitlachen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: uitlachen, lachte uit, uitgelachen.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat uit naar het eind: ik lach uit. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik uitlach, ... dat ik uitlachte.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: uitgelachen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van uitlachen?
lachte uit (ik, jij, hij/zij/het) en lachten uit (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van uitlachen?
uitgelachen, met hebben: ik heb uitgelachen.
Gebruik je uitlachen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb uitgelachen, hij heeft uitgelachen.
Is uitlachen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik lach uit), in een bijzin blijft het vast (dat ik uitlach). Voltooid deelwoord: uitgelachen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.