Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Uitstaan
uitstaan = to endure
- Hele werkwoord
- uitstaan
- Verleden tijd
- stond uit · stonden uit
- Voltooide tijd
- heeft uitgestaan
Kort antwoord
Uitstaan is in het Engels to endure. Verleden tijd: stond uit (enkelvoud) en stonden uit (meervoud). Voltooid deelwoord: uitgestaan, met hebben: ik heb uitgestaan.
Oefen uitstaanTegenwoordige tijd
| ik | sta uit |
| jij | staat uit |
| hij/zij/het | staat uit |
| wij | staan uit |
| jullie | staan uit |
| zij | staan uit |
Verleden tijd
| ik | stond uit |
| jij | stond uit |
| hij/zij/het | stond uit |
| wij | stonden uit |
| jullie | stonden uit |
| zij | stonden uit |
Voltooide tijd
| ik | heb uitgestaan |
| jij | hebt uitgestaan |
| hij/zij/het | heeft uitgestaan |
| wij | hebben uitgestaan |
| jullie | hebben uitgestaan |
| zij | hebben uitgestaan |
Voltooid verleden tijd
| ik | had uitgestaan |
| jij | had uitgestaan |
| hij/zij/het | had uitgestaan |
| wij | hadden uitgestaan |
| jullie | hadden uitgestaan |
| zij | hadden uitgestaan |
Toekomende tijd
| ik | zal uitstaan |
| jij | zult uitstaan |
| hij/zij/het | zal uitstaan |
| wij | zullen uitstaan |
| jullie | zullen uitstaan |
| zij | zullen uitstaan |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou uitstaan |
| jij | zou uitstaan |
| hij/zij/het | zou uitstaan |
| wij | zouden uitstaan |
| jullie | zouden uitstaan |
| zij | zouden uitstaan |
Uitstaan is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik sta uit). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik uitsta). Voltooid deelwoord: uitgestaan.
| Hoofdzin | ik sta uit |
| Vraag | sta jij uit? |
| Bijzin | … dat ik uitsta |
| Met een modaal werkwoord | ik wil uitstaan |
| Voltooide tijd | ik heb uitgestaan |
| Met om ... te | om uit te staan |
| Gebiedende wijs | sta uit! |
Oefen uitstaan
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
uitstaan in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: uitstaan, stond uit, uitgestaan.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat uit naar het eind: ik sta uit. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik uitsta, ... dat ik uitstond.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: uitgestaan.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van uitstaan?
stond uit (ik, jij, hij/zij/het) en stonden uit (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van uitstaan?
uitgestaan, met hebben: ik heb uitgestaan.
Gebruik je uitstaan met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb uitgestaan, hij heeft uitgestaan.
Is uitstaan een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat uit naar het einde (ik sta uit), in een bijzin blijft het vast (dat ik uitsta). Voltooid deelwoord: uitgestaan.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.