Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Vrezen

vrezen = to fear

Hele werkwoord
vrezen
Verleden tijd
vreesde · vreesden
Voltooide tijd
heeft gevreesd

Kort antwoord

Vrezen is in het Engels to fear. Verleden tijd: vreesde (enkelvoud) en vreesden (meervoud). Voltooid deelwoord: gevreesd, met hebben: ik heb gevreesd.

Oefen vrezen

Tegenwoordige tijd

ikvrees
jijvreest
hij/zij/hetvreest
wijvrezen
jullievrezen
zijvrezen

Verleden tijd

ikvreesde
jijvreesde
hij/zij/hetvreesde
wijvreesden
jullievreesden
zijvreesden

Voltooide tijd

ikheb gevreesd
jijhebt gevreesd
hij/zij/hetheeft gevreesd
wijhebben gevreesd
julliehebben gevreesd
zijhebben gevreesd

Voltooid verleden tijd

ikhad gevreesd
jijhad gevreesd
hij/zij/hethad gevreesd
wijhadden gevreesd
julliehadden gevreesd
zijhadden gevreesd

Toekomende tijd

ikzal vrezen
jijzult vrezen
hij/zij/hetzal vrezen
wijzullen vrezen
julliezullen vrezen
zijzullen vrezen

Voorwaardelijke wijs

ikzou vrezen
jijzou vrezen
hij/zij/hetzou vrezen
wijzouden vrezen
julliezouden vrezen
zijzouden vrezen

Oefen vrezen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

vrezen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De boer een slechte oogst door de droogte.

  2. Verleden tijd

    Wij dat de trein te laat zou komen.

  3. Bijzin

    Hij belt zijn vader, omdat hij dat er iets ergs is gebeurd.

  4. Verleden tijd

    Toen het donker werd, de kinderen het bos.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is vrees. In vrezen staat z voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (vreesde, vreesden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gevreesd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij vreest, maar vrees jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van vrezen?

vreesde (ik, jij, hij/zij/het) en vreesden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van vrezen?

gevreesd, met hebben: ik heb gevreesd.

Gebruik je vrezen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gevreesd, hij heeft gevreesd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.