Niveau B2 · Regelmatig, niet scheidbaar
Vervoeging van Weerspiegelen
weerspiegelen = to reflect
- Hele werkwoord
- weerspiegelen
- Verleden tijd
- weerspiegelde · weerspiegelden
- Voltooide tijd
- heeft weerspiegeld
Kort antwoord
Weerspiegelen is in het Engels to reflect. Verleden tijd: weerspiegelde (enkelvoud) en weerspiegelden (meervoud). Voltooid deelwoord: weerspiegeld, met hebben: ik heb weerspiegeld.
Oefen weerspiegelenTegenwoordige tijd
| ik | weerspiegel |
| jij | weerspiegelt |
| hij/zij/het | weerspiegelt |
| wij | weerspiegelen |
| jullie | weerspiegelen |
| zij | weerspiegelen |
Verleden tijd
| ik | weerspiegelde |
| jij | weerspiegelde |
| hij/zij/het | weerspiegelde |
| wij | weerspiegelden |
| jullie | weerspiegelden |
| zij | weerspiegelden |
Voltooide tijd
| ik | heb weerspiegeld |
| jij | hebt weerspiegeld |
| hij/zij/het | heeft weerspiegeld |
| wij | hebben weerspiegeld |
| jullie | hebben weerspiegeld |
| zij | hebben weerspiegeld |
Voltooid verleden tijd
| ik | had weerspiegeld |
| jij | had weerspiegeld |
| hij/zij/het | had weerspiegeld |
| wij | hadden weerspiegeld |
| jullie | hadden weerspiegeld |
| zij | hadden weerspiegeld |
Toekomende tijd
| ik | zal weerspiegelen |
| jij | zult weerspiegelen |
| hij/zij/het | zal weerspiegelen |
| wij | zullen weerspiegelen |
| jullie | zullen weerspiegelen |
| zij | zullen weerspiegelen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou weerspiegelen |
| jij | zou weerspiegelen |
| hij/zij/het | zou weerspiegelen |
| wij | zouden weerspiegelen |
| jullie | zouden weerspiegelen |
| zij | zouden weerspiegelen |
Weerspiegelen is niet scheidbaar
Het voorvoegsel weer- blijft in elke zin aan het werkwoord vast (ik weerspiegel, dat ik weerspiegel), en het voltooid deelwoord krijgt geen extra ge-: weerspiegeld.
| Hoofdzin | ik weerspiegel |
| Vraag | weerspiegel jij? |
| Bijzin | … dat ik weerspiegel |
| Met een modaal werkwoord | ik wil weerspiegelen |
| Voltooide tijd | ik heb weerspiegeld |
| Met om ... te | om te weerspiegelen |
| Gebiedende wijs | weerspiegel! |
Oefen weerspiegelen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
weerspiegelen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is weerspiegel. In weerspiegelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (weerspiegelde, weerspiegelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (weerspiegeld).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij weerspiegelt, maar weerspiegel jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van weerspiegelen?
weerspiegelde (ik, jij, hij/zij/het) en weerspiegelden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van weerspiegelen?
weerspiegeld, met hebben: ik heb weerspiegeld.
Gebruik je weerspiegelen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb weerspiegeld, hij heeft weerspiegeld.
Is weerspiegelen een scheidbaar werkwoord?
Nee. Het voorvoegsel weer- gaat bij weerspiegelen nooit los (ik weerspiegel, dat ik weerspiegel), en het voltooid deelwoord krijgt geen extra ge-: weerspiegeld.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.