Niveau A2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Weglopen
weglopen = to walk away
- Hele werkwoord
- weglopen
- Verleden tijd
- liep weg · liepen weg
- Voltooide tijd
- is weggelopen
Kort antwoord
Weglopen is in het Engels to walk away. Verleden tijd: liep weg (enkelvoud) en liepen weg (meervoud). Voltooid deelwoord: weggelopen, met zijn: ik ben weggelopen.
Oefen weglopenTegenwoordige tijd
| ik | loop weg |
| jij | loopt weg |
| hij/zij/het | loopt weg |
| wij | lopen weg |
| jullie | lopen weg |
| zij | lopen weg |
Verleden tijd
| ik | liep weg |
| jij | liep weg |
| hij/zij/het | liep weg |
| wij | liepen weg |
| jullie | liepen weg |
| zij | liepen weg |
Voltooide tijd
| ik | ben weggelopen |
| jij | bent weggelopen |
| hij/zij/het | is weggelopen |
| wij | zijn weggelopen |
| jullie | zijn weggelopen |
| zij | zijn weggelopen |
Voltooid verleden tijd
| ik | was weggelopen |
| jij | was weggelopen |
| hij/zij/het | was weggelopen |
| wij | waren weggelopen |
| jullie | waren weggelopen |
| zij | waren weggelopen |
Toekomende tijd
| ik | zal weglopen |
| jij | zult weglopen |
| hij/zij/het | zal weglopen |
| wij | zullen weglopen |
| jullie | zullen weglopen |
| zij | zullen weglopen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou weglopen |
| jij | zou weglopen |
| hij/zij/het | zou weglopen |
| wij | zouden weglopen |
| jullie | zouden weglopen |
| zij | zouden weglopen |
Weglopen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat weg naar het einde (ik loop weg). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik wegloop). Voltooid deelwoord: weggelopen.
| Hoofdzin | ik loop weg |
| Vraag | loop jij weg? |
| Bijzin | … dat ik wegloop |
| Met een modaal werkwoord | ik wil weglopen |
| Voltooide tijd | ik ben weggelopen |
| Met om ... te | om weg te lopen |
| Gebiedende wijs | loop weg! |
Oefen weglopen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
weglopen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: weglopen, liep weg, weggelopen.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat weg naar het eind: ik loop weg. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik wegloop, ... dat ik wegliep.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: weggelopen.
- Voltooide tijd met zijn: ik ben weggelopen, niet ik heb weggelopen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van weglopen?
liep weg (ik, jij, hij/zij/het) en liepen weg (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van weglopen?
weggelopen, met zijn: ik ben weggelopen.
Gebruik je weglopen met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben weggelopen, hij is weggelopen.
Is weglopen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat weg naar het einde (ik loop weg), in een bijzin blijft het vast (dat ik wegloop). Voltooid deelwoord: weggelopen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.