Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Wortelen
wortelen = to take root
- Hele werkwoord
- wortelen
- Verleden tijd
- wortelde · wortelden
- Voltooide tijd
- heeft geworteld
Kort antwoord
Wortelen is in het Engels to take root. Verleden tijd: wortelde (enkelvoud) en wortelden (meervoud). Voltooid deelwoord: geworteld, met hebben: ik heb geworteld.
Oefen wortelenTegenwoordige tijd
| ik | wortel |
| jij | wortelt |
| hij/zij/het | wortelt |
| wij | wortelen |
| jullie | wortelen |
| zij | wortelen |
Verleden tijd
| ik | wortelde |
| jij | wortelde |
| hij/zij/het | wortelde |
| wij | wortelden |
| jullie | wortelden |
| zij | wortelden |
Voltooide tijd
| ik | heb geworteld |
| jij | hebt geworteld |
| hij/zij/het | heeft geworteld |
| wij | hebben geworteld |
| jullie | hebben geworteld |
| zij | hebben geworteld |
Voltooid verleden tijd
| ik | had geworteld |
| jij | had geworteld |
| hij/zij/het | had geworteld |
| wij | hadden geworteld |
| jullie | hadden geworteld |
| zij | hadden geworteld |
Toekomende tijd
| ik | zal wortelen |
| jij | zult wortelen |
| hij/zij/het | zal wortelen |
| wij | zullen wortelen |
| jullie | zullen wortelen |
| zij | zullen wortelen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou wortelen |
| jij | zou wortelen |
| hij/zij/het | zou wortelen |
| wij | zouden wortelen |
| jullie | zouden wortelen |
| zij | zouden wortelen |
Oefen wortelen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
wortelen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is wortel. In wortelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (wortelde, wortelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geworteld).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij wortelt, maar wortel jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van wortelen?
wortelde (ik, jij, hij/zij/het) en wortelden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van wortelen?
geworteld, met hebben: ik heb geworteld.
Gebruik je wortelen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb geworteld, hij heeft geworteld.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.