Dutch Fluency
اعرف مستوايالمستوى
تسجيل الدخول

المستوى B1 · غير منتظم

تصريف Spuiten

spuiten = يرشّ، يحقن

المصدر
spuiten
الماضي
spoot · spoten
التام
heeft / is gespoten

إجابة سريعة

Spuiten يعني يرشّ، يحقن. الماضي: spoot (مفرد) و spoten (جمع). اسم المفعول (voltooid deelwoord): gespoten، مع hebben / zijn: ik heb / ben gespoten.

تمرّن على spuiten

المضارع (tegenwoordige tijd)

ikspuit
jijspuit
hij/zij/hetspuit
wijspuiten
julliespuiten
zijspuiten

الماضي (verleden tijd)

ikspoot
jijspoot
hij/zij/hetspoot
wijspoten
julliespoten
zijspoten

التام (voltooide tijd)

ikheb / ben gespoten
jijhebt / bent gespoten
hij/zij/hetheeft / is gespoten
wijhebben / zijn gespoten
julliehebben / zijn gespoten
zijhebben / zijn gespoten

الماضي التام (voltooid verleden tijd)

ikhad / was gespoten
jijhad / was gespoten
hij/zij/hethad / was gespoten
wijhadden / waren gespoten
julliehadden / waren gespoten
zijhadden / waren gespoten

المستقبل (toekomende tijd)

ikzal spuiten
jijzult spuiten
hij/zij/hetzal spuiten
wijzullen spuiten
julliezullen spuiten
zijzullen spuiten

الشرطي (voorwaardelijke wijs)

ikzou spuiten
jijzou spuiten
hij/zij/hetzou spuiten
wijzouden spuiten
julliezouden spuiten
zijzouden spuiten

تمرّن على spuiten

ست صيغ سريعة. اكتب الإجابة واضغط Enter لترى فورًا إن كانت صحيحة.

1 من 60 ✓

المضارع

ik

spuiten في جملة

اكتب الصيغة الصحيحة. تخبرك الجملة بمن يقوم بالفعل ومتى، وبعد التحقق ترى معناها.

  1. المضارع

    De tuinman elke ochtend de planten met water.

  2. الماضي

    De kinderen elkaar nat met de tuinslang.

  3. التام

    Het water ineens uit de kapotte kraan .

  4. الجملة الفرعية

    De dokter vertelt dat zij de patiënt een medicijn .

كيف يعمل هذا الفعل

  • فعل غير منتظم: الماضي واسم المفعول لا يتبعان النمط المنتظم -te/-de، لذلك تعلّم الصيغ الثلاث معًا: spuiten, spoot, gespoten.
  • hebben أم zijn: hebben للنشاط نفسه، و zijn عندما تقول إلى أين أو ما الذي تغيّر. De tuinman heeft de planten gespoten. Het water is uit de slang gespoten.

أسئلة حول الأفعال الهولندية

ما صيغة الماضي من spuiten؟

spoot (ik، jij، hij/zij/het) و spoten (wij، jullie، zij).

ما اسم المفعول (voltooid deelwoord) من spuiten؟

gespoten، مع hebben أو zijn حسب المعنى: De tuinman heeft de planten gespoten. Het water is uit de slang gespoten.

هل يُستخدم spuiten مع hebben أم مع zijn؟

مع الاثنين، حسب المعنى: De tuinman heeft de planten gespoten. Het water is uit de slang gespoten.

أفعال أخرى

كل الأفعالكل الأفعال من A إلى Zالأفعال المنفصلة: القواعد وأداة التحققأداة de أو het

تريد أن تتوقف عن البحث عن كل كلمة؟

يُظهر اختبار المستوى المجاني مستوى لغتك الهولندية الآن وما تتعلمه بعد ذلك.

الصيغ مُراجَعة مع ويكاموس. الأزمنة المركبة تستخدم صيغ hebben وzijn وzullen وzou الثابتة.