Dutch Fluency
Mein Niveau findenNiveau
Anmelden

Niveau B1 · Regelmäßig

Grazen konjugieren

grazen = grasen

Infinitiv
grazen
Präteritum
graasde · graasden
Perfekt
heeft gegraasd

Kurze Antwort

Grazen bedeutet grasen. Präteritum: graasde (Singular) und graasden (Plural). Partizip Perfekt: gegraasd, mit hebben: ik heb gegraasd.

grazen üben

Präsens (tegenwoordige tijd)

ikgraas
jijgraast
hij/zij/hetgraast
wijgrazen
julliegrazen
zijgrazen

Präteritum (verleden tijd)

ikgraasde
jijgraasde
hij/zij/hetgraasde
wijgraasden
julliegraasden
zijgraasden

Perfekt (voltooide tijd)

ikheb gegraasd
jijhebt gegraasd
hij/zij/hetheeft gegraasd
wijhebben gegraasd
julliehebben gegraasd
zijhebben gegraasd

Plusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ikhad gegraasd
jijhad gegraasd
hij/zij/hethad gegraasd
wijhadden gegraasd
julliehadden gegraasd
zijhadden gegraasd

Futur (toekomende tijd)

ikzal grazen
jijzult grazen
hij/zij/hetzal grazen
wijzullen grazen
julliezullen grazen
zijzullen grazen

Konditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou grazen
jijzou grazen
hij/zij/hetzou grazen
wijzouden grazen
julliezouden grazen
zijzouden grazen

grazen üben

Sechs kurze Formen. Tippe die Antwort, drücke Enter und sieh sofort, ob sie stimmt.

1 von 60 ✓

Präsens

ik

grazen im Satz

Setze die richtige Form ein. Der Satz verrät dir, wer handelt und wann. Nach der Prüfung siehst du, was er bedeutet.

  1. Präsens

    De koeien de hele dag in de wei.

  2. Präteritum

    Het paard rustig naast de sloot.

  3. Perfekt

    De schapen vanochtend op de dijk .

  4. Nebensatz

    Ik hou van dit uitzicht omdat de geiten hier vrij .

So funktioniert dieses Verb

  • Regelmäßiges Verb. Der Stamm ist graas. Im Infinitiv grazen steht z vor -en, und das gehört nicht zu 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), deshalb bekommt das Präteritum -de (graasde, graasden) und das Partizip endet auf -d (gegraasd).
  • Steht jij hinter dem Verb, fällt das -t weg: jij graast, aber graas jij?

Fragen zu niederländischen Verben

Was ist das Präteritum von grazen?

graasde (ik, jij, hij/zij/het) und graasden (wij, jullie, zij).

Was ist das Partizip Perfekt von grazen?

gegraasd, mit hebben: ik heb gegraasd.

Wird grazen mit hebben oder zijn gebildet?

Mit hebben: ik heb gegraasd, hij heeft gegraasd.

Weitere Verben

Alle VerbenAlle Verben von A bis ZTrennbare Verben: Regeln und PrüferDe-oder-het-Prüfer

Willst du nicht mehr alles nachschlagen?

Der kostenlose Einstufungstest zeigt, wo dein Niederländisch steht und was du als Nächstes lernst.

Formen mit Wiktionary abgeglichen. Zusammengesetzte Zeiten nutzen die festen Formen von hebben, zijn, zullen und zou.