Niveau B1 · Regelmäßig
Haken konjugieren
haken = häkeln
- Infinitiv
- haken
- Präteritum
- haakte · haakten
- Perfekt
- heeft gehaakt
Kurze Antwort
Haken bedeutet häkeln. Präteritum: haakte (Singular) und haakten (Plural). Partizip Perfekt: gehaakt, mit hebben: ik heb gehaakt.
haken übenPräsens (tegenwoordige tijd)
| ik | haak |
| jij | haakt |
| hij/zij/het | haakt |
| wij | haken |
| jullie | haken |
| zij | haken |
Präteritum (verleden tijd)
| ik | haakte |
| jij | haakte |
| hij/zij/het | haakte |
| wij | haakten |
| jullie | haakten |
| zij | haakten |
Perfekt (voltooide tijd)
| ik | heb gehaakt |
| jij | hebt gehaakt |
| hij/zij/het | heeft gehaakt |
| wij | hebben gehaakt |
| jullie | hebben gehaakt |
| zij | hebben gehaakt |
Plusquamperfekt (voltooid verleden tijd)
| ik | had gehaakt |
| jij | had gehaakt |
| hij/zij/het | had gehaakt |
| wij | hadden gehaakt |
| jullie | hadden gehaakt |
| zij | hadden gehaakt |
Futur (toekomende tijd)
| ik | zal haken |
| jij | zult haken |
| hij/zij/het | zal haken |
| wij | zullen haken |
| jullie | zullen haken |
| zij | zullen haken |
Konditional (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou haken |
| jij | zou haken |
| hij/zij/het | zou haken |
| wij | zouden haken |
| jullie | zouden haken |
| zij | zouden haken |
haken üben
Sechs kurze Formen. Tippe die Antwort, drücke Enter und sieh sofort, ob sie stimmt.
Präsens
haken im Satz
Setze die richtige Form ein. Der Satz verrät dir, wer handelt und wann. Nach der Prüfung siehst du, was er bedeutet.
So funktioniert dieses Verb
- Regelmäßiges Verb. Der Stamm ist haak. Im Infinitiv haken steht k vor -en, einer der Laute aus 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), deshalb bekommt das Präteritum -te (haakte, haakten) und das Partizip endet auf -t (gehaakt).
- Steht jij hinter dem Verb, fällt das -t weg: jij haakt, aber haak jij?
Fragen zu niederländischen Verben
Was ist das Präteritum von haken?
haakte (ik, jij, hij/zij/het) und haakten (wij, jullie, zij).
Was ist das Partizip Perfekt von haken?
gehaakt, mit hebben: ik heb gehaakt.
Wird haken mit hebben oder zijn gebildet?
Mit hebben: ik heb gehaakt, hij heeft gehaakt.
Weitere Verben
Alle VerbenAlle Verben von A bis ZTrennbare Verben: Regeln und PrüferDe-oder-het-Prüfer
Willst du nicht mehr alles nachschlagen?
Der kostenlose Einstufungstest zeigt, wo dein Niederländisch steht und was du als Nächstes lernst.
Formen mit Wiktionary abgeglichen. Zusammengesetzte Zeiten nutzen die festen Formen von hebben, zijn, zullen und zou.