Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Regular, no separable

Conjugación de Bezetten

bezetten = ocupar, llenar

Infinitivo
bezetten
Pasado
bezette · bezetten
Perfecto
heeft bezet

Respuesta rápida

Bezetten significa ocupar, llenar. Pasado: bezette (singular) y bezetten (plural). Participio: bezet, con hebben: ik heb bezet.

Practica bezetten

Presente (tegenwoordige tijd)

ikbezet
jijbezet
hij/zij/hetbezet
wijbezetten
julliebezetten
zijbezetten

Pasado (verleden tijd)

ikbezette
jijbezette
hij/zij/hetbezette
wijbezetten
julliebezetten
zijbezetten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb bezet
jijhebt bezet
hij/zij/hetheeft bezet
wijhebben bezet
julliehebben bezet
zijhebben bezet

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad bezet
jijhad bezet
hij/zij/hethad bezet
wijhadden bezet
julliehadden bezet
zijhadden bezet

Futuro (toekomende tijd)

ikzal bezetten
jijzult bezetten
hij/zij/hetzal bezetten
wijzullen bezetten
julliezullen bezetten
zijzullen bezetten

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou bezetten
jijzou bezetten
hij/zij/hetzou bezetten
wijzouden bezetten
julliezouden bezetten
zijzouden bezetten

Bezetten no es separable

El prefijo be- permanece unido al verbo en todas las oraciones (ik bezet, dat ik bezet), y el participio no lleva ge- adicional: bezet.

Oración principalik bezet
Preguntabezet jij?
Oración subordinada… dat ik bezet
Con un verbo modalik wil bezetten
Pretérito perfectoik heb bezet
Con om ... teom te bezetten
Imperativobezet!

Verbos separables: reglas y comprobador

Practica bezetten

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

bezetten en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Die grote groep elke vrijdag de hele hoek van het café.

  2. Pasado

    De demonstranten vorig jaar het gemeentehuis.

  3. Pretérito perfecto

    Mijn collega de vergaderzaal al de hele ochtend .

  4. Oración subordinada

    Ik kan niet naar binnen, omdat de gasten alle tafels .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es bezet. En el infinitivo bezetten hay una t antes de -en, uno de los sonidos de 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -te (bezette, bezetten) y el participio termina en -t (bezet).
  • Los verbos que empiezan por be-, ge-, her-, ont-, ver- o er- no llevan un ge- extra en el participio: bezet.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de bezetten?

bezette (ik, jij, hij/zij/het) y bezetten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de bezetten?

bezet, con hebben: ik heb bezet.

¿El verbo bezetten va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb bezet, hij heeft bezet.

¿Es bezetten un verbo separable?

No. El prefijo be- nunca se separa de bezetten (ik bezet, dat ik bezet), y el participio no lleva ge- adicional: bezet.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.