Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B1 · Regular

Conjugación de Combineren

combineren = combinar

Infinitivo
combineren
Pasado
combineerde · combineerden
Perfecto
heeft gecombineerd

Respuesta rápida

Combineren significa combinar. Pasado: combineerde (singular) y combineerden (plural). Participio: gecombineerd, con hebben: ik heb gecombineerd.

Practica combineren

Presente (tegenwoordige tijd)

ikcombineer
jijcombineert
hij/zij/hetcombineert
wijcombineren
julliecombineren
zijcombineren

Pasado (verleden tijd)

ikcombineerde
jijcombineerde
hij/zij/hetcombineerde
wijcombineerden
julliecombineerden
zijcombineerden

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb gecombineerd
jijhebt gecombineerd
hij/zij/hetheeft gecombineerd
wijhebben gecombineerd
julliehebben gecombineerd
zijhebben gecombineerd

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad gecombineerd
jijhad gecombineerd
hij/zij/hethad gecombineerd
wijhadden gecombineerd
julliehadden gecombineerd
zijhadden gecombineerd

Futuro (toekomende tijd)

ikzal combineren
jijzult combineren
hij/zij/hetzal combineren
wijzullen combineren
julliezullen combineren
zijzullen combineren

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou combineren
jijzou combineren
hij/zij/hetzou combineren
wijzouden combineren
julliezouden combineren
zijzouden combineren

Practica combineren

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

combineren en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Zij haar werk en haar studie heel goed.

  2. Pasado

    Vroeger wij sport en school elke dag.

  3. Pretérito perfecto

    De kok rode kool en appel .

  4. Oración subordinada

    Het is moeilijk als je werk en zorg voor je kinderen .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es combineer. En el infinitivo combineren hay una r antes de -en, que no está en 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -de (combineerde, combineerden) y el participio termina en -d (gecombineerd).
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij combineert, pero combineer jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de combineren?

combineerde (ik, jij, hij/zij/het) y combineerden (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de combineren?

gecombineerd, con hebben: ik heb gecombineerd.

¿El verbo combineren va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb gecombineerd, hij heeft gecombineerd.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.