Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A2 · Regular

Conjugación de Organiseren

organiseren = organizar

Infinitivo
organiseren
Pasado
organiseerde · organiseerden
Perfecto
heeft georganiseerd

Respuesta rápida

Organiseren significa organizar. Pasado: organiseerde (singular) y organiseerden (plural). Participio: georganiseerd, con hebben: ik heb georganiseerd.

Practica organiseren

Presente (tegenwoordige tijd)

ikorganiseer
jijorganiseert
hij/zij/hetorganiseert
wijorganiseren
jullieorganiseren
zijorganiseren

Pasado (verleden tijd)

ikorganiseerde
jijorganiseerde
hij/zij/hetorganiseerde
wijorganiseerden
jullieorganiseerden
zijorganiseerden

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb georganiseerd
jijhebt georganiseerd
hij/zij/hetheeft georganiseerd
wijhebben georganiseerd
julliehebben georganiseerd
zijhebben georganiseerd

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad georganiseerd
jijhad georganiseerd
hij/zij/hethad georganiseerd
wijhadden georganiseerd
julliehadden georganiseerd
zijhadden georganiseerd

Futuro (toekomende tijd)

ikzal organiseren
jijzult organiseren
hij/zij/hetzal organiseren
wijzullen organiseren
julliezullen organiseren
zijzullen organiseren

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou organiseren
jijzou organiseren
hij/zij/hetzou organiseren
wijzouden organiseren
julliezouden organiseren
zijzouden organiseren

Practica organiseren

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

organiseren en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Mijn zus elk jaar een groot feest.

  2. Pasado

    Vorige zomer wij een barbecue voor de buren.

  3. Pretérito perfecto

    Jij een mooie reis voor ons allemaal .

  4. Oración subordinada

    Ik help graag omdat jullie zo'n leuk evenement .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es organiseer. En el infinitivo organiseren hay una r antes de -en, que no está en 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -de (organiseerde, organiseerden) y el participio termina en -d (georganiseerd).
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij organiseert, pero organiseer jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de organiseren?

organiseerde (ik, jij, hij/zij/het) y organiseerden (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de organiseren?

georganiseerd, con hebben: ik heb georganiseerd.

¿El verbo organiseren va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb georganiseerd, hij heeft georganiseerd.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.