Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A2 · Irregular

Conjugación de Ruiken

ruiken = oler

Infinitivo
ruiken
Pasado
rook · roken
Perfecto
heeft geroken

Respuesta rápida

Ruiken significa oler. Pasado: rook (singular) y roken (plural). Participio: geroken, con hebben: ik heb geroken.

Practica ruiken

Presente (tegenwoordige tijd)

ikruik
jijruikt
hij/zij/hetruikt
wijruiken
jullieruiken
zijruiken

Pasado (verleden tijd)

ikrook
jijrook
hij/zij/hetrook
wijroken
jullieroken
zijroken

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb geroken
jijhebt geroken
hij/zij/hetheeft geroken
wijhebben geroken
julliehebben geroken
zijhebben geroken

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad geroken
jijhad geroken
hij/zij/hethad geroken
wijhadden geroken
julliehadden geroken
zijhadden geroken

Futuro (toekomende tijd)

ikzal ruiken
jijzult ruiken
hij/zij/hetzal ruiken
wijzullen ruiken
julliezullen ruiken
zijzullen ruiken

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou ruiken
jijzou ruiken
hij/zij/hetzou ruiken
wijzouden ruiken
julliezouden ruiken
zijzouden ruiken

Practica ruiken

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

ruiken en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Ik vers brood in de keuken.

  2. Pasado

    De hele kamer naar koffie.

  3. Oración subordinada

    De kinderen lachen omdat ze iets raars .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo irregular: el pasado y el participio no siguen el patrón regular con -te/-de, así que aprende las tres formas juntas: ruiken, rook, geroken.
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij ruikt, pero ruik jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de ruiken?

rook (ik, jij, hij/zij/het) y roken (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de ruiken?

geroken, con hebben: ik heb geroken.

¿El verbo ruiken va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb geroken, hij heeft geroken.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.