Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Regular

Conjugación de Speculeren

speculeren = especular, conjeturar

Infinitivo
speculeren
Pasado
speculeerde · speculeerden
Perfecto
heeft gespeculeerd

Respuesta rápida

Speculeren significa especular, conjeturar. Pasado: speculeerde (singular) y speculeerden (plural). Participio: gespeculeerd, con hebben: ik heb gespeculeerd.

Practica speculeren

Presente (tegenwoordige tijd)

ikspeculeer
jijspeculeert
hij/zij/hetspeculeert
wijspeculeren
julliespeculeren
zijspeculeren

Pasado (verleden tijd)

ikspeculeerde
jijspeculeerde
hij/zij/hetspeculeerde
wijspeculeerden
julliespeculeerden
zijspeculeerden

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb gespeculeerd
jijhebt gespeculeerd
hij/zij/hetheeft gespeculeerd
wijhebben gespeculeerd
julliehebben gespeculeerd
zijhebben gespeculeerd

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad gespeculeerd
jijhad gespeculeerd
hij/zij/hethad gespeculeerd
wijhadden gespeculeerd
julliehadden gespeculeerd
zijhadden gespeculeerd

Futuro (toekomende tijd)

ikzal speculeren
jijzult speculeren
hij/zij/hetzal speculeren
wijzullen speculeren
julliezullen speculeren
zijzullen speculeren

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou speculeren
jijzou speculeren
hij/zij/hetzou speculeren
wijzouden speculeren
julliezouden speculeren
zijzouden speculeren

Practica speculeren

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

speculeren en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Jullie altijd over de uitslag van de wedstrijd.

  2. Pasado

    De collega's lang over de reden van het ontslag.

  3. Pretérito perfecto

    De kranten al dagen over zijn vertrek .

  4. Oración subordinada

    Het is niet slim als je zomaar over de toekomst .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es speculeer. En el infinitivo speculeren hay una r antes de -en, que no está en 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -de (speculeerde, speculeerden) y el participio termina en -d (gespeculeerd).
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij speculeert, pero speculeer jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de speculeren?

speculeerde (ik, jij, hij/zij/het) y speculeerden (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de speculeren?

gespeculeerd, con hebben: ik heb gespeculeerd.

¿El verbo speculeren va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb gespeculeerd, hij heeft gespeculeerd.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.