Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Irregular, separable

Conjugación de Uitzenden

uitzenden = emitir

Infinitivo
uitzenden
Pasado
zond uit · zonden uit
Perfecto
heeft uitgezonden

Respuesta rápida

Uitzenden significa emitir. Pasado: zond uit (singular) y zonden uit (plural). Participio: uitgezonden, con hebben: ik heb uitgezonden.

Practica uitzenden

Presente (tegenwoordige tijd)

ikzend uit
jijzendt uit
hij/zij/hetzendt uit
wijzenden uit
julliezenden uit
zijzenden uit

Pasado (verleden tijd)

ikzond uit
jijzond uit
hij/zij/hetzond uit
wijzonden uit
julliezonden uit
zijzonden uit

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb uitgezonden
jijhebt uitgezonden
hij/zij/hetheeft uitgezonden
wijhebben uitgezonden
julliehebben uitgezonden
zijhebben uitgezonden

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad uitgezonden
jijhad uitgezonden
hij/zij/hethad uitgezonden
wijhadden uitgezonden
julliehadden uitgezonden
zijhadden uitgezonden

Futuro (toekomende tijd)

ikzal uitzenden
jijzult uitzenden
hij/zij/hetzal uitzenden
wijzullen uitzenden
julliezullen uitzenden
zijzullen uitzenden

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou uitzenden
jijzou uitzenden
hij/zij/hetzou uitzenden
wijzouden uitzenden
julliezouden uitzenden
zijzouden uitzenden

Uitzenden es un verbo separable

En una oración principal uit va al final (ik zend uit). En una subordinada las dos partes permanecen juntas (dat ik uitzend). Participio: uitgezonden.

Oración principalik zend uit
Preguntazend jij uit?
Oración subordinada… dat ik uitzend
Con un verbo modalik wil uitzenden
Pretérito perfectoik heb uitgezonden
Con om ... teom uit te zenden
Imperativozend uit!

Verbos separables: reglas y comprobador

Practica uitzenden

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

uitzenden en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    De zender het programma elke avond om acht uur .

  2. Pasado

    Vroeger wij die serie op zaterdag .

  3. Pretérito perfecto

    De omroep gisteren het nieuws live .

  4. Oración subordinada

    Ik kijk graag naar dat kanaal omdat het veel goede films .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo irregular: el pasado y el participio no siguen el patrón regular con -te/-de, así que aprende las tres formas juntas: uitzenden, zond uit, uitgezonden.
  • Verbo separable. En una oración principal el prefijo uit va al final: ik zend uit. En una subordinada se queda unido: ... dat ik uitzend, ... dat ik uitzond.
  • En el participio, ge va entre las dos partes: uitgezonden.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de uitzenden?

zond uit (ik, jij, hij/zij/het) y zonden uit (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de uitzenden?

uitgezonden, con hebben: ik heb uitgezonden.

¿El verbo uitzenden va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb uitgezonden, hij heeft uitgezonden.

¿Es uitzenden un verbo separable?

Sí. En una oración principal uit va al final (ik zend uit), en una subordinada permanece unido (dat ik uitzend). Participio: uitgezonden.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.