Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B1 · Regular

Conjugación de Waarderen

waarderen = apreciar, valorar

Infinitivo
waarderen
Pasado
waardeerde · waardeerden
Perfecto
heeft gewaardeerd

Respuesta rápida

Waarderen significa apreciar, valorar. Pasado: waardeerde (singular) y waardeerden (plural). Participio: gewaardeerd, con hebben: ik heb gewaardeerd.

Practica waarderen

Presente (tegenwoordige tijd)

ikwaardeer
jijwaardeert
hij/zij/hetwaardeert
wijwaarderen
julliewaarderen
zijwaarderen

Pasado (verleden tijd)

ikwaardeerde
jijwaardeerde
hij/zij/hetwaardeerde
wijwaardeerden
julliewaardeerden
zijwaardeerden

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb gewaardeerd
jijhebt gewaardeerd
hij/zij/hetheeft gewaardeerd
wijhebben gewaardeerd
julliehebben gewaardeerd
zijhebben gewaardeerd

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad gewaardeerd
jijhad gewaardeerd
hij/zij/hethad gewaardeerd
wijhadden gewaardeerd
julliehadden gewaardeerd
zijhadden gewaardeerd

Futuro (toekomende tijd)

ikzal waarderen
jijzult waarderen
hij/zij/hetzal waarderen
wijzullen waarderen
julliezullen waarderen
zijzullen waarderen

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou waarderen
jijzou waarderen
hij/zij/hetzou waarderen
wijzouden waarderen
julliezouden waarderen
zijzouden waarderen

Practica waarderen

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

waarderen en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Ik jouw hulp heel erg.

  2. Pasado

    De klanten de snelle service.

  3. Pretérito perfecto

    Mijn baas mijn werk altijd .

  4. Oración subordinada

    Ze zegt dat ze het cadeau echt .

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es waardeer. En el infinitivo waarderen hay una r antes de -en, que no está en 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -de (waardeerde, waardeerden) y el participio termina en -d (gewaardeerd).
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij waardeert, pero waardeer jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de waarderen?

waardeerde (ik, jij, hij/zij/het) y waardeerden (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de waarderen?

gewaardeerd, con hebben: ik heb gewaardeerd.

¿El verbo waarderen va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb gewaardeerd, hij heeft gewaardeerd.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.