Dutch Fluency
تعیین سطح منسطح
ورود

سطح A1 · بی‌قاعده

صرف فعل Staan

staan = ایستادن

مصدر
staan
گذشته
stond · stonden
ماضی نقلی
heeft gestaan

پاسخ کوتاه

Staan یعنی ایستادن. گذشته ساده: stond (مفرد) و stonden (جمع). صفت مفعولی (voltooid deelwoord): gestaan، با hebben: ik heb gestaan.

تمرین staan

حال (tegenwoordige tijd)

iksta
jijstaat
hij/zij/hetstaat
wijstaan
julliestaan
zijstaan

گذشته ساده (verleden tijd)

ikstond
jijstond
hij/zij/hetstond
wijstonden
julliestonden
zijstonden

ماضی نقلی (voltooide tijd)

ikheb gestaan
jijhebt gestaan
hij/zij/hetheeft gestaan
wijhebben gestaan
julliehebben gestaan
zijhebben gestaan

ماضی بعید (voltooid verleden tijd)

ikhad gestaan
jijhad gestaan
hij/zij/hethad gestaan
wijhadden gestaan
julliehadden gestaan
zijhadden gestaan

آینده (toekomende tijd)

ikzal staan
jijzult staan
hij/zij/hetzal staan
wijzullen staan
julliezullen staan
zijzullen staan

شرطی (voorwaardelijke wijs)

ikzou staan
jijzou staan
hij/zij/hetzou staan
wijzouden staan
julliezouden staan
zijzouden staan

تمرین staan

شش صورت کوتاه. پاسخ را بنویسید، Enter را بزنید و فوراً ببینید درست است یا نه.

1 از 60 ✓

حال

ik

این فعل چگونه کار می‌کند

  • فعل بی‌قاعده: گذشته ساده و صفت مفعولی از الگوی باقاعده -te/-de پیروی نمی‌کنند، پس این سه صورت را با هم یاد بگیرید: staan, stond, gestaan.

پرسش‌ها درباره فعل‌های هلندی

گذشته ساده staan چیست؟

stond (ik، jij، hij/zij/het) و stonden (wij، jullie، zij).

صفت مفعولی (voltooid deelwoord) staan چیست؟

gestaan، با hebben: ik heb gestaan.

آیا staan با hebben به کار می‌رود یا با zijn؟

با hebben: ik heb gestaan, hij heeft gestaan.

فعل‌های بیشتر

همه فعل‌هابررسی de یا het

می‌خواهید دیگر همه‌چیز را جست‌وجو نکنید؟

آزمون تعیین سطح رایگان نشان می‌دهد هلندی شما کجاست و بعد چه یاد بگیرید.

صورت‌ها با ویکی‌واژه بررسی شده‌اند. زمان‌های مرکب با صورت‌های ثابت hebben، zijn، zullen و zou ساخته می‌شوند.