Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Aansteken

aansteken = to light, infect

Hele werkwoord
aansteken
Verleden tijd
stak aan · staken aan
Voltooide tijd
heeft aangestoken

Kort antwoord

Aansteken is in het Engels to light, infect. Verleden tijd: stak aan (enkelvoud) en staken aan (meervoud). Voltooid deelwoord: aangestoken, met hebben: ik heb aangestoken.

Oefen aansteken

Tegenwoordige tijd

iksteek aan
jijsteekt aan
hij/zij/hetsteekt aan
wijsteken aan
julliesteken aan
zijsteken aan

Verleden tijd

ikstak aan
jijstak aan
hij/zij/hetstak aan
wijstaken aan
julliestaken aan
zijstaken aan

Voltooide tijd

ikheb aangestoken
jijhebt aangestoken
hij/zij/hetheeft aangestoken
wijhebben aangestoken
julliehebben aangestoken
zijhebben aangestoken

Voltooid verleden tijd

ikhad aangestoken
jijhad aangestoken
hij/zij/hethad aangestoken
wijhadden aangestoken
julliehadden aangestoken
zijhadden aangestoken

Toekomende tijd

ikzal aansteken
jijzult aansteken
hij/zij/hetzal aansteken
wijzullen aansteken
julliezullen aansteken
zijzullen aansteken

Voorwaardelijke wijs

ikzou aansteken
jijzou aansteken
hij/zij/hetzou aansteken
wijzouden aansteken
julliezouden aansteken
zijzouden aansteken

Aansteken is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat aan naar het einde (ik steek aan). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik aansteek). Voltooid deelwoord: aangestoken.

Hoofdzinik steek aan
Vraagsteek jij aan?
Bijzin… dat ik aansteek
Met een modaal werkwoordik wil aansteken
Voltooide tijdik heb aangestoken
Met om ... teom aan te steken
Gebiedende wijssteek aan!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen aansteken

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

aansteken in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik elke avond een kaars .

  2. Verleden tijd

    Opa vroeger altijd een pijp na het eten.

  3. Voltooide tijd

    Zij de kaarsen op de taart .

  4. Bijzin

    Blijf thuis als je ziek bent, omdat je anders anderen kunt .

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: aansteken, stak aan, aangestoken.
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat aan naar het eind: ik steek aan. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik aansteek, ... dat ik aanstak.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: aangestoken.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van aansteken?

stak aan (ik, jij, hij/zij/het) en staken aan (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van aansteken?

aangestoken, met hebben: ik heb aangestoken.

Gebruik je aansteken met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb aangestoken, hij heeft aangestoken.

Is aansteken een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat aan naar het einde (ik steek aan), in een bijzin blijft het vast (dat ik aansteek). Voltooid deelwoord: aangestoken.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.