Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Ademen

ademen = to breathe

Hele werkwoord
ademen
Verleden tijd
ademde · ademden
Voltooide tijd
heeft geademd

Kort antwoord

Ademen is in het Engels to breathe. Verleden tijd: ademde (enkelvoud) en ademden (meervoud). Voltooid deelwoord: geademd, met hebben: ik heb geademd.

Oefen ademen

Tegenwoordige tijd

ikadem
jijademt
hij/zij/hetademt
wijademen
jullieademen
zijademen

Verleden tijd

ikademde
jijademde
hij/zij/hetademde
wijademden
jullieademden
zijademden

Voltooide tijd

ikheb geademd
jijhebt geademd
hij/zij/hetheeft geademd
wijhebben geademd
julliehebben geademd
zijhebben geademd

Voltooid verleden tijd

ikhad geademd
jijhad geademd
hij/zij/hethad geademd
wijhadden geademd
julliehadden geademd
zijhadden geademd

Toekomende tijd

ikzal ademen
jijzult ademen
hij/zij/hetzal ademen
wijzullen ademen
julliezullen ademen
zijzullen ademen

Voorwaardelijke wijs

ikzou ademen
jijzou ademen
hij/zij/hetzou ademen
wijzouden ademen
julliezouden ademen
zijzouden ademen

Oefen ademen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

ademen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik diep in en uit.

  2. Verleden tijd

    De baby rustig terwijl hij sliep.

  3. Voltooide tijd

    Zij na de wedstrijd zwaar .

  4. Bijzin

    De dokter zegt dat jij goed .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is adem. In ademen staat m voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (ademde, ademden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geademd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij ademt, maar adem jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van ademen?

ademde (ik, jij, hij/zij/het) en ademden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van ademen?

geademd, met hebben: ik heb geademd.

Gebruik je ademen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geademd, hij heeft geademd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.