Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Afkoelen

afkoelen = to cool down

Hele werkwoord
afkoelen
Verleden tijd
koelde af · koelden af
Voltooide tijd
heeft / is afgekoeld

Kort antwoord

Afkoelen is in het Engels to cool down. Verleden tijd: koelde af (enkelvoud) en koelden af (meervoud). Voltooid deelwoord: afgekoeld, met hebben / zijn: ik heb / ben afgekoeld.

Oefen afkoelen

Tegenwoordige tijd

ikkoel af
jijkoelt af
hij/zij/hetkoelt af
wijkoelen af
julliekoelen af
zijkoelen af

Verleden tijd

ikkoelde af
jijkoelde af
hij/zij/hetkoelde af
wijkoelden af
julliekoelden af
zijkoelden af

Voltooide tijd

ikheb / ben afgekoeld
jijhebt / bent afgekoeld
hij/zij/hetheeft / is afgekoeld
wijhebben / zijn afgekoeld
julliehebben / zijn afgekoeld
zijhebben / zijn afgekoeld

Voltooid verleden tijd

ikhad / was afgekoeld
jijhad / was afgekoeld
hij/zij/hethad / was afgekoeld
wijhadden / waren afgekoeld
julliehadden / waren afgekoeld
zijhadden / waren afgekoeld

Toekomende tijd

ikzal afkoelen
jijzult afkoelen
hij/zij/hetzal afkoelen
wijzullen afkoelen
julliezullen afkoelen
zijzullen afkoelen

Voorwaardelijke wijs

ikzou afkoelen
jijzou afkoelen
hij/zij/hetzou afkoelen
wijzouden afkoelen
julliezouden afkoelen
zijzouden afkoelen

Afkoelen is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat af naar het einde (ik koel af). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik afkoel). Voltooid deelwoord: afgekoeld.

Hoofdzinik koel af
Vraagkoel jij af?
Bijzin… dat ik afkoel
Met een modaal werkwoordik wil afkoelen
Voltooide tijdik heb / ben afgekoeld
Met om ... teom af te koelen
Gebiedende wijskoel af!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen afkoelen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

afkoelen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De soep snel in de koude keuken.

  2. Verleden tijd

    Wij de limonade in de koelkast .

  3. Voltooide tijd

    De soep snel .

  4. Bijzin

    Ik wacht even, omdat de thee nog moet .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is koel. In koelen staat l voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (koelde, koelden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (afgekoeld).
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat af naar het eind: ik koel af. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik afkoel, ... dat ik afkoelde.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: afgekoeld.
  • Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Ik heb de soep in de koelkast afgekoeld. De soep is snel afgekoeld.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van afkoelen?

koelde af (ik, jij, hij/zij/het) en koelden af (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van afkoelen?

afgekoeld, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Ik heb de soep in de koelkast afgekoeld. De soep is snel afgekoeld.

Gebruik je afkoelen met hebben of zijn?

Allebei, afhankelijk van de betekenis: Ik heb de soep in de koelkast afgekoeld. De soep is snel afgekoeld.

Is afkoelen een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat af naar het einde (ik koel af), in een bijzin blijft het vast (dat ik afkoel). Voltooid deelwoord: afgekoeld.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.