Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Communiceren
communiceren = to communicate
- Hele werkwoord
- communiceren
- Verleden tijd
- communiceerde · communiceerden
- Voltooide tijd
- heeft gecommuniceerd
Kort antwoord
Communiceren is in het Engels to communicate. Verleden tijd: communiceerde (enkelvoud) en communiceerden (meervoud). Voltooid deelwoord: gecommuniceerd, met hebben: ik heb gecommuniceerd.
Oefen communicerenTegenwoordige tijd
| ik | communiceer |
| jij | communiceert |
| hij/zij/het | communiceert |
| wij | communiceren |
| jullie | communiceren |
| zij | communiceren |
Verleden tijd
| ik | communiceerde |
| jij | communiceerde |
| hij/zij/het | communiceerde |
| wij | communiceerden |
| jullie | communiceerden |
| zij | communiceerden |
Voltooide tijd
| ik | heb gecommuniceerd |
| jij | hebt gecommuniceerd |
| hij/zij/het | heeft gecommuniceerd |
| wij | hebben gecommuniceerd |
| jullie | hebben gecommuniceerd |
| zij | hebben gecommuniceerd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gecommuniceerd |
| jij | had gecommuniceerd |
| hij/zij/het | had gecommuniceerd |
| wij | hadden gecommuniceerd |
| jullie | hadden gecommuniceerd |
| zij | hadden gecommuniceerd |
Toekomende tijd
| ik | zal communiceren |
| jij | zult communiceren |
| hij/zij/het | zal communiceren |
| wij | zullen communiceren |
| jullie | zullen communiceren |
| zij | zullen communiceren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou communiceren |
| jij | zou communiceren |
| hij/zij/het | zou communiceren |
| wij | zouden communiceren |
| jullie | zouden communiceren |
| zij | zouden communiceren |
Oefen communiceren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
communiceren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is communiceer. In communiceren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (communiceerde, communiceerden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gecommuniceerd).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij communiceert, maar communiceer jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van communiceren?
communiceerde (ik, jij, hij/zij/het) en communiceerden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van communiceren?
gecommuniceerd, met hebben: ik heb gecommuniceerd.
Gebruik je communiceren met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gecommuniceerd, hij heeft gecommuniceerd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.