Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Doden

doden = to kill

Hele werkwoord
doden
Verleden tijd
doodde · doodden
Voltooide tijd
heeft gedood

Kort antwoord

Doden is in het Engels to kill. Verleden tijd: doodde (enkelvoud) en doodden (meervoud). Voltooid deelwoord: gedood, met hebben: ik heb gedood.

Oefen doden

Tegenwoordige tijd

ikdood
jijdoodt
hij/zij/hetdoodt
wijdoden
julliedoden
zijdoden

Verleden tijd

ikdoodde
jijdoodde
hij/zij/hetdoodde
wijdoodden
julliedoodden
zijdoodden

Voltooide tijd

ikheb gedood
jijhebt gedood
hij/zij/hetheeft gedood
wijhebben gedood
julliehebben gedood
zijhebben gedood

Voltooid verleden tijd

ikhad gedood
jijhad gedood
hij/zij/hethad gedood
wijhadden gedood
julliehadden gedood
zijhadden gedood

Toekomende tijd

ikzal doden
jijzult doden
hij/zij/hetzal doden
wijzullen doden
julliezullen doden
zijzullen doden

Voorwaardelijke wijs

ikzou doden
jijzou doden
hij/zij/hetzou doden
wijzouden doden
julliezouden doden
zijzouden doden

Oefen doden

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

doden in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De boer de rat met een val.

  2. Verleden tijd

    Vroeger wij een kip voor het feest.

  3. Voltooide tijd

    De kat gisteren een muis .

  4. Bijzin

    Hij is bang omdat de soldaten veel mensen .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is dood. In doden staat d voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (doodde, doodden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gedood).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij doodt, maar dood jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van doden?

doodde (ik, jij, hij/zij/het) en doodden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van doden?

gedood, met hebben: ik heb gedood.

Gebruik je doden met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gedood, hij heeft gedood.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.