Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level A2 · Regular

Accepteren conjugation

accepteren = to accept

Infinitive
accepteren
Past
accepteerde · accepteerden
Perfect
heeft geaccepteerd

Quick answer

Accepteren means to accept. Past tense: accepteerde (singular) and accepteerden (plural). Past participle: geaccepteerd, with hebben: ik heb geaccepteerd.

Practise accepteren

Present (tegenwoordige tijd)

ikaccepteer
jijaccepteert
hij/zij/hetaccepteert
wijaccepteren
jullieaccepteren
zijaccepteren

Past (verleden tijd)

ikaccepteerde
jijaccepteerde
hij/zij/hetaccepteerde
wijaccepteerden
jullieaccepteerden
zijaccepteerden

Perfect (voltooide tijd)

ikheb geaccepteerd
jijhebt geaccepteerd
hij/zij/hetheeft geaccepteerd
wijhebben geaccepteerd
julliehebben geaccepteerd
zijhebben geaccepteerd

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad geaccepteerd
jijhad geaccepteerd
hij/zij/hethad geaccepteerd
wijhadden geaccepteerd
julliehadden geaccepteerd
zijhadden geaccepteerd

Future (toekomende tijd)

ikzal accepteren
jijzult accepteren
hij/zij/hetzal accepteren
wijzullen accepteren
julliezullen accepteren
zijzullen accepteren

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou accepteren
jijzou accepteren
hij/zij/hetzou accepteren
wijzouden accepteren
julliezouden accepteren
zijzouden accepteren

Practise accepteren

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is accepteer. The infinitive accepteren has r before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (accepteerde, accepteerden) and the participle ends in -d (geaccepteerd).
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij accepteert, but accepteer jij?

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of accepteren?

accepteerde (ik, jij, hij/zij/het) and accepteerden (wij, jullie, zij).

What is the past participle of accepteren?

geaccepteerd, with hebben: ik heb geaccepteerd.

Is accepteren used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb geaccepteerd, hij heeft geaccepteerd.

More verbs

All verbsDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.