Niveau A1 · Regelmatig
Vervoeging van Douchen
douchen = to shower
- Hele werkwoord
- douchen
- Verleden tijd
- douchte · douchten
- Voltooide tijd
- heeft gedoucht
Kort antwoord
Douchen is in het Engels to shower. Verleden tijd: douchte (enkelvoud) en douchten (meervoud). Voltooid deelwoord: gedoucht, met hebben: ik heb gedoucht.
Oefen douchenTegenwoordige tijd
| ik | douch |
| jij | doucht |
| hij/zij/het | doucht |
| wij | douchen |
| jullie | douchen |
| zij | douchen |
Verleden tijd
| ik | douchte |
| jij | douchte |
| hij/zij/het | douchte |
| wij | douchten |
| jullie | douchten |
| zij | douchten |
Voltooide tijd
| ik | heb gedoucht |
| jij | hebt gedoucht |
| hij/zij/het | heeft gedoucht |
| wij | hebben gedoucht |
| jullie | hebben gedoucht |
| zij | hebben gedoucht |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gedoucht |
| jij | had gedoucht |
| hij/zij/het | had gedoucht |
| wij | hadden gedoucht |
| jullie | hadden gedoucht |
| zij | hadden gedoucht |
Toekomende tijd
| ik | zal douchen |
| jij | zult douchen |
| hij/zij/het | zal douchen |
| wij | zullen douchen |
| jullie | zullen douchen |
| zij | zullen douchen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou douchen |
| jij | zou douchen |
| hij/zij/het | zou douchen |
| wij | zouden douchen |
| jullie | zouden douchen |
| zij | zouden douchen |
Oefen douchen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
douchen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is douch. In douchen staat ch voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (douchte, douchten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gedoucht).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij doucht, maar douch jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van douchen?
douchte (ik, jij, hij/zij/het) en douchten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van douchen?
gedoucht, met hebben: ik heb gedoucht.
Gebruik je douchen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gedoucht, hij heeft gedoucht.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.