Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig

Vervoeging van Eisen

eisen = to demand, claim

Hele werkwoord
eisen
Verleden tijd
eiste · eisten
Voltooide tijd
heeft geëist

Kort antwoord

Eisen is in het Engels to demand, claim. Verleden tijd: eiste (enkelvoud) en eisten (meervoud). Voltooid deelwoord: geëist, met hebben: ik heb geëist.

Oefen eisen

Tegenwoordige tijd

ikeis
jijeist
hij/zij/heteist
wijeisen
jullieeisen
zijeisen

Verleden tijd

ikeiste
jijeiste
hij/zij/heteiste
wijeisten
jullieeisten
zijeisten

Voltooide tijd

ikheb geëist
jijhebt geëist
hij/zij/hetheeft geëist
wijhebben geëist
julliehebben geëist
zijhebben geëist

Voltooid verleden tijd

ikhad geëist
jijhad geëist
hij/zij/hethad geëist
wijhadden geëist
julliehadden geëist
zijhadden geëist

Toekomende tijd

ikzal eisen
jijzult eisen
hij/zij/hetzal eisen
wijzullen eisen
julliezullen eisen
zijzullen eisen

Voorwaardelijke wijs

ikzou eisen
jijzou eisen
hij/zij/hetzou eisen
wijzouden eisen
julliezouden eisen
zijzouden eisen

Oefen eisen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

eisen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De klant zijn geld terug, want het product is kapot.

  2. Verleden tijd

    De werknemers vorig jaar een hoger loon.

  3. Voltooide tijd

    Mijn baas dat ik vandaag langer blijf .

  4. Bijzin

    Ik word boos als jij altijd alles .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is eis. In eisen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (eiste, eisten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geëist).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij eist, maar eis jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van eisen?

eiste (ik, jij, hij/zij/het) en eisten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van eisen?

geëist, met hebben: ik heb geëist.

Gebruik je eisen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geëist, hij heeft geëist.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.