Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Glinsteren
glinsteren = to glisten, shimmer
- Hele werkwoord
- glinsteren
- Verleden tijd
- glinsterde · glinsterden
- Voltooide tijd
- heeft geglinsterd
Kort antwoord
Glinsteren is in het Engels to glisten, shimmer. Verleden tijd: glinsterde (enkelvoud) en glinsterden (meervoud). Voltooid deelwoord: geglinsterd, met hebben: ik heb geglinsterd.
Oefen glinsterenTegenwoordige tijd
| ik | glinster |
| jij | glinstert |
| hij/zij/het | glinstert |
| wij | glinsteren |
| jullie | glinsteren |
| zij | glinsteren |
Verleden tijd
| ik | glinsterde |
| jij | glinsterde |
| hij/zij/het | glinsterde |
| wij | glinsterden |
| jullie | glinsterden |
| zij | glinsterden |
Voltooide tijd
| ik | heb geglinsterd |
| jij | hebt geglinsterd |
| hij/zij/het | heeft geglinsterd |
| wij | hebben geglinsterd |
| jullie | hebben geglinsterd |
| zij | hebben geglinsterd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had geglinsterd |
| jij | had geglinsterd |
| hij/zij/het | had geglinsterd |
| wij | hadden geglinsterd |
| jullie | hadden geglinsterd |
| zij | hadden geglinsterd |
Toekomende tijd
| ik | zal glinsteren |
| jij | zult glinsteren |
| hij/zij/het | zal glinsteren |
| wij | zullen glinsteren |
| jullie | zullen glinsteren |
| zij | zullen glinsteren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou glinsteren |
| jij | zou glinsteren |
| hij/zij/het | zou glinsteren |
| wij | zouden glinsteren |
| jullie | zouden glinsteren |
| zij | zouden glinsteren |
Oefen glinsteren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
glinsteren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is glinster. In glinsteren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (glinsterde, glinsterden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geglinsterd).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij glinstert, maar glinster jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van glinsteren?
glinsterde (ik, jij, hij/zij/het) en glinsterden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van glinsteren?
geglinsterd, met hebben: ik heb geglinsterd.
Gebruik je glinsteren met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb geglinsterd, hij heeft geglinsterd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.