Niveau B1 · Regelmatig
Vervoeging van Kalmeren
kalmeren = to calm down
- Hele werkwoord
- kalmeren
- Verleden tijd
- kalmeerde · kalmeerden
- Voltooide tijd
- heeft / is gekalmeerd
Kort antwoord
Kalmeren is in het Engels to calm down. Verleden tijd: kalmeerde (enkelvoud) en kalmeerden (meervoud). Voltooid deelwoord: gekalmeerd, met hebben / zijn: ik heb / ben gekalmeerd.
Oefen kalmerenTegenwoordige tijd
| ik | kalmeer |
| jij | kalmeert |
| hij/zij/het | kalmeert |
| wij | kalmeren |
| jullie | kalmeren |
| zij | kalmeren |
Verleden tijd
| ik | kalmeerde |
| jij | kalmeerde |
| hij/zij/het | kalmeerde |
| wij | kalmeerden |
| jullie | kalmeerden |
| zij | kalmeerden |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben gekalmeerd |
| jij | hebt / bent gekalmeerd |
| hij/zij/het | heeft / is gekalmeerd |
| wij | hebben / zijn gekalmeerd |
| jullie | hebben / zijn gekalmeerd |
| zij | hebben / zijn gekalmeerd |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was gekalmeerd |
| jij | had / was gekalmeerd |
| hij/zij/het | had / was gekalmeerd |
| wij | hadden / waren gekalmeerd |
| jullie | hadden / waren gekalmeerd |
| zij | hadden / waren gekalmeerd |
Toekomende tijd
| ik | zal kalmeren |
| jij | zult kalmeren |
| hij/zij/het | zal kalmeren |
| wij | zullen kalmeren |
| jullie | zullen kalmeren |
| zij | zullen kalmeren |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou kalmeren |
| jij | zou kalmeren |
| hij/zij/het | zou kalmeren |
| wij | zouden kalmeren |
| jullie | zouden kalmeren |
| zij | zouden kalmeren |
Oefen kalmeren
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
kalmeren in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is kalmeer. In kalmeren staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (kalmeerde, kalmeerden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gekalmeerd).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij kalmeert, maar kalmeer jij?
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Ze heeft het huilende kind gekalmeerd. Na een tijdje is hij gekalmeerd.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van kalmeren?
kalmeerde (ik, jij, hij/zij/het) en kalmeerden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van kalmeren?
gekalmeerd, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Ze heeft het huilende kind gekalmeerd. Na een tijdje is hij gekalmeerd.
Gebruik je kalmeren met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Ze heeft het huilende kind gekalmeerd. Na een tijdje is hij gekalmeerd.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.