Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Klotsen
klotsen = to slosh
- Hele werkwoord
- klotsen
- Verleden tijd
- klotste · klotsten
- Voltooide tijd
- heeft / is geklotst
Kort antwoord
Klotsen is in het Engels to slosh. Verleden tijd: klotste (enkelvoud) en klotsten (meervoud). Voltooid deelwoord: geklotst, met hebben / zijn: ik heb / ben geklotst.
Oefen klotsenTegenwoordige tijd
| ik | klots |
| jij | klotst |
| hij/zij/het | klotst |
| wij | klotsen |
| jullie | klotsen |
| zij | klotsen |
Verleden tijd
| ik | klotste |
| jij | klotste |
| hij/zij/het | klotste |
| wij | klotsten |
| jullie | klotsten |
| zij | klotsten |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben geklotst |
| jij | hebt / bent geklotst |
| hij/zij/het | heeft / is geklotst |
| wij | hebben / zijn geklotst |
| jullie | hebben / zijn geklotst |
| zij | hebben / zijn geklotst |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was geklotst |
| jij | had / was geklotst |
| hij/zij/het | had / was geklotst |
| wij | hadden / waren geklotst |
| jullie | hadden / waren geklotst |
| zij | hadden / waren geklotst |
Toekomende tijd
| ik | zal klotsen |
| jij | zult klotsen |
| hij/zij/het | zal klotsen |
| wij | zullen klotsen |
| jullie | zullen klotsen |
| zij | zullen klotsen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou klotsen |
| jij | zou klotsen |
| hij/zij/het | zou klotsen |
| wij | zouden klotsen |
| jullie | zouden klotsen |
| zij | zouden klotsen |
Oefen klotsen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
klotsen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is klots. In klotsen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (klotste, klotsten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (geklotst).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij klotst, maar klots jij?
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Het water heeft tegen de kade geklotst. Het water is over de rand van de emmer geklotst.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van klotsen?
klotste (ik, jij, hij/zij/het) en klotsten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van klotsen?
geklotst, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Het water heeft tegen de kade geklotst. Het water is over de rand van de emmer geklotst.
Gebruik je klotsen met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Het water heeft tegen de kade geklotst. Het water is over de rand van de emmer geklotst.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.