Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Level A2 · Regular

Voetballen conjugation

voetballen = to play football

Infinitive
voetballen
Past
voetbalde · voetbalden
Perfect
heeft gevoetbald

Quick answer

Voetballen means to play football. Past tense: voetbalde (singular) and voetbalden (plural). Past participle: gevoetbald, with hebben: ik heb gevoetbald.

Practise voetballen

Present (tegenwoordige tijd)

ikvoetbal
jijvoetbalt
hij/zij/hetvoetbalt
wijvoetballen
jullievoetballen
zijvoetballen

Past (verleden tijd)

ikvoetbalde
jijvoetbalde
hij/zij/hetvoetbalde
wijvoetbalden
jullievoetbalden
zijvoetbalden

Perfect (voltooide tijd)

ikheb gevoetbald
jijhebt gevoetbald
hij/zij/hetheeft gevoetbald
wijhebben gevoetbald
julliehebben gevoetbald
zijhebben gevoetbald

Past perfect (voltooid verleden tijd)

ikhad gevoetbald
jijhad gevoetbald
hij/zij/hethad gevoetbald
wijhadden gevoetbald
julliehadden gevoetbald
zijhadden gevoetbald

Future (toekomende tijd)

ikzal voetballen
jijzult voetballen
hij/zij/hetzal voetballen
wijzullen voetballen
julliezullen voetballen
zijzullen voetballen

Conditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou voetballen
jijzou voetballen
hij/zij/hetzou voetballen
wijzouden voetballen
julliezouden voetballen
zijzouden voetballen

Practise voetballen

Six quick forms. Type the answer, press Enter and see straight away if it is right.

1 of 60 ✓

Present

ik

How this verb works

  • Regular verb. The stem is voetbal. The infinitive voetballen has l before -en, which is not in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), so the past tense takes -de (voetbalde, voetbalden) and the participle ends in -d (gevoetbald).
  • When jij comes after the verb, the -t drops: jij voetbalt, but voetbal jij?

Questions about Dutch verbs

What is the past tense of voetballen?

voetbalde (ik, jij, hij/zij/het) and voetbalden (wij, jullie, zij).

What is the past participle of voetballen?

gevoetbald, with hebben: ik heb gevoetbald.

Is voetballen used with hebben or zijn?

With hebben: ik heb gevoetbald, hij heeft gevoetbald.

More verbs

All verbsAll verbs A to ZSeparable verbs: rules and checkerDe or het checker

Want to stop looking words up?

The free level test shows where your Dutch is now and what to learn next.

Forms checked against Wiktionary. Compound tenses use the fixed forms of hebben, zijn, zullen and zou.